BRUSSEL - In West-Europa (de EU plus Zwitserland, Noorwegen en IJsland) zijn in februari 1,4 procent minder auto's verkocht dan in dezelfde maand vorig jaar, zo heeft de brancheclub van de autoindustrie ACEA woensdag bekendgemaakt.

De zuidelijke landen zijn verantwoordelijk voor de daling: in Italië gingen de verkopen met 12,3 procent naar beneden en ook in Frankrijk, Spanje en Griekenland lag de verkoop lager. In Nederland registreerde de ACEA een toename met 1,8 procent. Grootste stijger is het Verenigd Koninkrijk met 18 procent.

De Volkswagen-groep blijft de grootste producent in Europa, met een verkoop van 187.282 auto's. Dat is een daling van 7,2 procent. Opmerkelijk is dat het huismerk Volkswagen de verkopen met 11,3 procent zag dalen tot 102.818.

Volkswagen werd daarmee bijna ingehaald door Peugeot, dat vooral door het nieuwe model 307, de verkopen zag stijgen tot 102.812. Het Franse merk ging daarmee 11 procent omhoog in de statistieken. De eveneens Franse producent Renault blijft als merk het grootste met een verkoop van 124.713; een stijging met 6,3 procent.

Sterkste stijger op de markt in de maand februari was Ford-dochter Jaguar, dat door de introductie van het nieuwe X-model met 68,1 procent erop vooruit ging tot 2.406 verkochte exemplaren. BMW ging 33,0 procent omhoog, vooral door de introductie van het nieuwe model van dochtermerk Mini. DaimlerChrysler zag de verkopen van de kleine Smart-stadsautootjes er 56,1 procent op vooruit gaan.

Bij de grote merken is Opel de grootste verliezer. De GM-dochter leverde 19,2 procent in tot 93.022 verkochte auto's. Lancia, het prestigemerk van Fiat, was per saldo de grootste verliezer met een achteruitgang van 36,8 procent.