AMSTERDAM - De werksituatie voor arbeidsters in Nike- en Adidasfabrieken in Indonesië is nog steeds ronduit slecht. De lonen zijn zo laag, dat de naaisters gedwongen worden zich in de schulden te steken. Dit is een van de conclusies uit het rapport 'Wij zijn geen machines' van de internationale actiegroep Schone Kleren Kampagne.

In totaal heeft de actiegroep het afgelopen jaar 35 arbeidsters uit vier verschillende fabrieken geïnterviewd die voor Nike en Adidas in Indonesië sportartikelen produceren. Het rapport vergelijkt de werkomstandigheden van de naaisters met twee jaar geleden, toen de actiegroep eenzelfde inventarisatie maakte. "Fysiek geweld en psychologische druk komt minder voor onder de arbeidsters. Opzichters gooien geen schoenen meer naar hun hoofd, maar uitgescholden worden ze nog steeds", zegt E. de Haan van de Schone Kleren Kampagne Nederland.

Het aantal orders uit de Verenigde Staten is sinds de aanslagen op elf september drastisch afgenomen. Dat verklaart volgens De Haan dat de druk op de vrouwen om snel te produceren minder groot is dan voorheen. "Voor 11 september maakten de naaisters zeventig tot tachtig uur per week. Maar uiteindelijk is de situatie nu veel nijpender. Ze verdienen minder, waardoor ze zich diep in de schulden steken om hun familie te kunnen onderhouden", zegt De Haan. Ze sluit niet uit dat producenten uit de VS voor productie naar andere landen uitwijken, omdat in Indonesië een grote moslimgemeenschap woont.

De actiegroep wil met dit rapport benadrukken dat de sponsors Adidas en Nike van de wereldkampioenschappen voetbal in Zuidkorea en Japan komende zomer minder sportief zijn dan ze zichzelf willen doen voorkomen. "Beide producenten zijn nog steeds niet sportief genoeg om arbeidsters die hun producten maken een loon uit te betalen waar zij ook van kunnen leven", vindt De Haan.