DEN HAAG - De groei van de Nederlandse economie blijft achter bij die van de andere eurolanden. De uitvoer stijgt veel minder dan de wereldhandel voor zover die voor ons land belangrijk is. "Het marktverlies bedraagt in de periode van 2001 tot 2005 ongeveer 5 procent per jaar, wat in historisch opzicht fors is."

Dat schrijft het Centraal Planbureau (CPB) in het maandag gepresenteerde Centraal Economisch Plan (CEP). Eerder was al duidelijk dat het CPB voor dit jaar een economische groei voorspelt van 1,25 procent. Volgend jaar zou de economie 1,5 procent groeien. Desondanks stijgt de werkloosheid naar 6,5 procent dit jaar en 7 procent volgend jaar. Het begrotingstekort komt dit jaar zonder ingrepen van het kabinet uit op 3,3 procent van het bruto binnenlands product, volgend jaar is dat 2,9 procent.

Het CPB schetst dan ook een somber beeld van de Nederlandse economie, vooral veroorzaakt door de slechte concurrentiepositie van het land. Maar er zijn lichtpuntjes, zo verzekerde CPB-directeur Don maandag tijdens een toelichting.

Door de afgesproken loonmatiging voor twee jaar zal de concurrentiepositie van ons land de komende jaren verbeteren zodat de economische cijfers er vanaf 2006 iets beter uit kunnen gaan zien. Zo verwacht het CPB dat de winstgevendheid van bedrijven dan weer is aangetrokken en dat de werkloosheid niet langer stijgt. "Maar om niet alleen aan te haken, maar ook de noodzakelijke inhaalslag te kunnen maken, is loonmatiging over langere periode wel nodig", zei Don maandag.

De koopkracht blijft flink onder druk staan. Dit jaar gaan vooral werknemers in de marksector met kinderen en lage inkomens er in koopkracht op vooruit. Hoewel de situatie per huishouden enorm kan verschillen, onder meer door specifieke maatregelen in de zorg en de huursubsidie, daalt gemiddeld de koopkracht voor huishoudens volgend jaar met een half procent. Dat komt vooral doordat de loonstijging van gemiddeld 0,25 procent volgend jaar achterblijft bij de inflatie van 0,75 procent.