AMSTERDAM - Van de Nederlandse vrouwen die in verwachting zijn, is tweederde niet van plan minder te gaan werken na de bevalling. Ook de partners zijn niet van plan werktijd in te leveren. Evenzoveel mensen willen het geslacht van de ongeboren baby niet weten, terwijl deze in 75 procent van de gevallen al ingeschreven staat bij een kinderdagverblijf. Dat blijkt dinsdag uit onderzoek van Amsterdam RAI in opdracht van de negen-maanden-beurs.

Zeshonderd vrouwen die in verwachting zijn of net een kind hebben gekregen, zijn ondervraagd. Van de ondervraagde vrouwen is 62 procent al parttime werkzaam. Dertig procent van de vrouwen zegt wel minder te gaan werken na de geboorte. In vier procent van de gevallen gaan zowel de vader als moeder parttime werken.

Veertig procent van de ouders weet al dat hun kind naar een kinderdagverblijf gaat en driekwart heeft het ongeboren kind zelfs al ingeschreven. Ook wil niet meer dan 37 procent weten wat het geslacht van hun ongeboren baby is.

De meeste aanstaande moeders zijn van plan hun kind borstvoeding te geven. Driekwart kiest voor borstvoeding, omdat 'het beter is', zeggen twee op de vijf vrouwen. Het overige kwart die voor flesvoeding kiest doet dit omdat borstvoeding moeizaam of pijnlijk is of omdat zo iemand anders het geven van voeding op zich kan nemen.