DEN HAAG - Het aantal land- en tuinbouwbedrijven in Nederland blijft dalen. In totaal telde Nederland in april nog 68.500 boerenbedrijven. In april 2011 was dat 70.390.

Per dag verdwenen er afgelopen jaar dus bijna 5 bedrijven. Dat blijkt uit dinsdag bekend gemaakte cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Schaalvergroting is de belangrijkste oorzaak dat het aantal bedrijven slinkt. De boerenbedrijven worden steeds groter. Volgens het CBS steeg het aantal grote bedrijven de afgelopen 12 jaar met 13 procent tot 8.700.

Het aantal kleine en middelgrote bedrijven daalde in die periode juist met 26.000 tot 40.000 stuks. Dat betekent een krimp van grofweg 40 procent.

Beweeg de cursor over de lijn om de aantallen te zien. De gegevens zijn afkomstig van CBS. Bekijk hier een grote versie. - (c)NU.nl/Jerry Vermanen

Het aantal hobbyboeren, dat voor hun inkomen niet uitsluitend afhankelijk is van de landbouw, daalde in diezelfde periode met 17 procent.

Het gaat hier vooral om gepensioneerden en boeren of boerinnen met nog een andere baan erbij. In Nederland zijn nu ongeveer 20.000 hobbyboeren, die gezamenlijk goed zijn voor 1 procent van de totale economische waarde van de landbouwsector.

Koeien

Door de grotere omvang van de bedrijven staan er tegenwoordig wel minder koeien in de wei. Hoe meer melkkoeien het bedrijf heeft, hoe vaker de boer er volgens het CBS voor kiest ze altijd op stal te houden.

In 2001 liep nog 90 procent van de melkkoeien in de wei, bij de meest recente meting in 2011 was dat nog maar 70 procent. De weidegang is het hoogst in het grasrijke westelijk deel van Utrecht en in Noord- en Zuid-Holland (85 procent van de melkkoeien).

Beweeg de cursor over het diagram om de percentages te zien. De gegevens zijn afkomstig van CBS. Bekijk hier een grote versie. - (c)NU.nl/Jerry Vermanen

Dierenwelzijnsorganisatie WSPA reageert verontrust en verontwaardigd op de landbouwtelling van het CBS. De organisatie maakt zich grote zorgen over de huidige trend van opstallen en de welzijnsproblemen die daarmee gepaard gaan.

''De koe in de wei lijkt steeds meer een puur Hollandse aangelegenheid te worden. In grote delen van Brabant, Limburg en oostelijk Groningen en Drenthe komt nog slechts maximaal 40 procent van de dieren in de wei."