EINDHOVEN - De benzineprijs heeft woensdag het hoogste niveau ooit bereikt. Dat maakte het consumentencollectief UnitedConsumers bekend.

Aan de pomp is de adviesprijs van Euro95 nu 1,887 euro per liter, een cent meer dan dinsdag. Het vorige record stond op 1,886 euro per liter en dateerde van 6 april.

De prijs van diesel bereikte vorige week al een recordhoogte en is woensdag met 0,2 cent toegenomen naar 1,531 euro per liter. De adviesprijs van een liter LPG is gelijkgebleven op het niveau van 0,851 euro.

UnitedConsumers stelt dagelijks brandstofprijzen vast op basis van de landelijke adviesprijzen van de vijf grootste oliemaatschappijen: Shell, BP, Esso, Texaco en Total.

Eerdere analyses gaven aan dat de hoge benzineprijzen van de laatste tijd mede worden veroorzaakt door de aanhoudende onrust in het Midden-Oosten. Ook angst voor problemen in de olieproductie als gevolg van orkanen in de Verenigde Staten droeg bij aan de toegenomen kosten aan de pomp.

Stijging

De consument betaalt nu bijna een euro meer voor een liter benzine dan tien jaar geleden, ofwel een stijging van 80 procent. Eind 2001 was de adviesprijs 1,05 euro per liter en woensdag werd de recordhoogte van 1,887 euro bereikt. Dat zegt marktanalist Paul van Selms van UnitedConsumers.

De grootste boosdoener van de hoge benzineprijs is volgens hem de Nederlandse overheid. Van Selms wijst erop dat het grootste deel van een liter benzine (57 procent, ofwel ruim 1 euro) nog altijd bestaat uit belasting. Dat is veel meer dan de olieproducerende landen en bedrijven als Shell of Total aan een liter brandstof verdienen.

Accijns

Veruit het grootste deel van de belasting is opgebouwd uit accijns. Doordat de overheid deze elk jaar aanpast aan de prijsinflatie, is er in de ogen van Van Selms een soort vicieuze cirkel ontstaan.

''Over de literprijs inclusief accijns en voorraadheffing wordt een vast percentage btw geheven. De btw-inkomsten stijgen hierdoor met de jaarlijkse accijnsverhogingen mee. Dat draagt weer bij aan de prijsinflatie, en dan begint het proces weer opnieuw", aldus de marktanalist.

Pompkosten

Ook van invloed op de toegenomen pompkosten zijn de regeringen van olieproducerende landen. ''Landen kunnen hard of zacht pompen. Als ze hard pompen krijgen ze snel veel dollars binnen, maar door de kraan open te zetten daalt de wereldmarktprijs. Een aantal van deze landen heeft er daarom voor gekozen binnen kartelorganisatie OPEC afspraken te maken om de prijzen stabiel hoog te houden."

Uiteindelijk blijft er relatief nog maar weinig over voor de oliemaatschappijen. Een onafhankelijke pomphouder verdient naar schatting zelfs maar een ''dik dubbeltje" aan een liter benzine. Pomphouders die pachten van een oliemaatschappij zelfs nog minder.

Op sommige benzinestations proberen ondernemers daarom extra klanten te trekken door kortingen te rekenen op de eigen beperkte marge. Daardoor verdienen pomphouders volgens Van Selms vaak nog maar een paar cent per liter, waardoor zij in de toekomst wellicht moeite zullen hebben om het hoofd boven water te houden.

ANWB

De ANWB is niet van plan om de overheid te vragen in te grijpen nu de benzineprijs recordhoogte heeft bereikt. ''Dat is trekken aan een dood paard, geen enkele partij gaat de accijnzen nu verlagen’’, benadrukt een woordvoerder van de belangenclub voor automobilisten woensdag.

De ANWB wijst erop dat de overheid de inkomsten uit de belastingen op brandstoffen hard nodig heeft. De organisatie heeft wel tips hoe automobilisten de kosten kunnen drukken.

Zo zijn ze goedkoper uit door de snelweg af te gaan en een voordelige pomp op te zoeken. Ook adviseert de ANWB om zuiniger te rijden, dat levert een besparing op van 20 procent. ''En de banden moeten op de juiste spanning staan. Verder heb je overal spaarsystemen'', zegt de ANWB-zegsman.