AMSTERDAM - De meeste woningcorporaties hebben zat geld om te investeren in de bouw van nieuwe sociale huurwoningen en om woningen en projecten van Vestia over te nemen.

Van 22 grote corporaties hebben alleen De Key in Amsterdam en Wonen Limburg geen geld. Over Vestia zijn geen cijfers, schrijft de Volkskrant na onderzoek.

Dat de corporaties zulke mogelijkheden hebben is opvallend, omdat ze zelf vaak graag benadrukken dat het geld op is.

De gemeenten Den Haag en Rotterdam hebben moeite om corporaties te vinden die Vestia-projecten kunnen overnemen. Ook is er weinig animo onder corporaties om vijftienduizend woningen van Vestia over te nemen.

Woningcorporaties kunnen tegen een lage rente geld lenen om sociale huurwoningen te bouwen of bestaande woningen over te nemen. Daarvoor moet hun schuld niet te hoog zijn en ze moeten voldoende inkomsten hebben uit verhuur of verkoop van woningen. De meeste grootstedelijke corporaties voldoen aan die eisen.

Reddingsactie

Voorzitter van branchevereniging De Vernieuwde Stad Marien de Langen zegt tegen de Volkskrant dat corporaties terughoudend zijn omdat 'de investeringsruimte in de toekomst weleens zou kunnen afnemen'.

Alle corporaties moeten vanaf 2014 jaarlijks zeshonderd miljoen euro betalen aan de rijksoverheid, die daarmee de huurtoeslag wil betalen. Een deel van de reddingsactie van het noodlijdende Vestia wordt ook door woningbouwverenigingen betaald, wat neerkomt op zevenhonderd miljoen euro over tien jaar.

Volgens De Langen zijn er echter wel degelijk corporaties die geïnteresseerd zijn in Vestia-bezittingen. Ze moeten alleen eerst precies op een rijtje hebben hoe ze de corporatie er weer bovenop willen krijgen, stelt de voorzitter van de vereniging van de 22 grootste corporaties. "Pas als dat duidelijk is, kunnen de andere corporaties beslissen of en welke projecten of bezit zij willen overnemen."