DEN HAAG - De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) vindt dat de NS opbrengsten van treinkaartjes niet meer zelf moet verdelen onder zichzelf en de regionale spoorvervoerders Veolia, Arriva, Syntus en Connexxion.

Om het risico van belangenverstrengeling tegen te gaan, heeft de toezichthouder maandag het ministerie van Infrastructuur en Milieu geadviseerd om dit voortaan door een onafhankelijke partij te laten doen.

De NS, die door het hele land de gele kaartautomaten beheert, verdeelt de opbrengst van treinkaartjes op basis van steekproefsgewijze passagierstellingen in de trein. Aan de hand daarvan wordt vastgesteld hoeveel reizigers op elk spoortraject reizen en welke kaartsoort zij gebruiken.

Niet transparant

Volgens de NMa is dat meetsysteem niet transparant genoeg, waardoor niet goed kan worden getoetst of een vervoerder systematisch zou worden bevoordeeld. De toezichthouder zegt overigens niet te vermoeden dat in deze kwestie regels worden overtreden.

De NS liet weten dat de conclusies van de NMa al grotendeels achterhaald zijn door de komst van de OV-chipkaart.

''Het systeem van de steekproefgewijze tellingen wordt eigenlijk al niet meer gebruikt voor de verdeling van de opbrengsten'', aldus het vervoersbedrijf. Totdat de OV-chipkaart helemaal is ingevoerd, wordt gewerkt met vaste verdeelsleutels met de andere vervoerders.