NEW YORK - Moody's heeft donderdag de kredietpositie van 15 grote internationale banken afgewaardeerd.

De multinationals lopen volgens de kredietbeoordelaar aanzienlijke risico's door de voortwoekerende schuldencrisis.

De afwaardering treft onder meer de Amerikaanse banken Bank of America, Citigroup, JPMorgan Chase, Morgan Stanley en Goldman Sachs, de Britse banken Barclays, HSBC en Royal Bank of Scotland,de Franse banken Crédit Agricole en BNP Paribas, Credit Suisse en UBS uit Zwitserland en Deutsche Bank.

Volgens Moody's riskeren de banken enorme verliezen, onder meer door hun activiteiten op de kapitaalmarkt. Ook zijn ze sterk van elkaar afhankelijk. De Zwitserse bank Credit Suisse werd met drie stappen, van Aa1 naar A1, het sterkst afgewaardeerd. Tien banken gingen twee stappen terug.

De afwaarderingen door Moody's dragen bij aan nieuwe twijfel over de gezondheid van de grote banken in het internationale financiële systeem. Sinds 2008, toen de eerste grote Amerikaanse financiële instellingen in de problemen kwamen, liggen de banken onder vuur.

Reacties

De massale afwaardering is slecht gevallen bij betrokken banken. Moody's kijkt alleen naar het verleden en heeft geen oog voor veranderingen die zijn doorgevoerd, stelden Citigroup en Royal Bank of Scotland (RBS).

De lagere kredietwaardigheid maakt het voor de banken waarschijnlijk duurder om geld te lenen. RBS verwacht door het besluit van Moody's 9 miljard pond extra aan kapitaal achter de hand te moeten houden.

Vijf vragen over kredietbeoordelaars

Alles over de schuldencrisis in ons dossier