KOPENHAGEN - Nederland is flexibel als het gaat om de grootte van het permanente Europese noodfonds voor in financiële problemen geraakte eurolanden.

Dat zei minister Jan Kees de Jager van Financiën vrijdag in Kopenhagen voorafgaand aan de vergadering van ministers van Financiën van de eurozone.

''Nederland pint zichzelf niet vast op een cijfer'', aldus De Jager. De besprekingen van vrijdag gaan met name over de grootte van het permanente noodfonds ESM.

Volgens de oorspronkelijke plannen heeft dit financieel vangnet een maximale capaciteit van 500 miljard euro, maar dit zou onvoldoende zijn om grote economieën financieel te kunnen bijstaan. Bovendien moet er besloten worden wat er gebeurt met de toegezegde en nog niet verstrekte leningen van het tijdelijke noodfonds EFSF.

Substantieel

De Jager herhaalde dat het noodfonds substantieel moet zijn. ''Een groot genoeg noodfonds is belangrijk tijdens deze crisis.'' De minister zei dat er ook rekening moet worden gehouden met wat eurolanden politiek gezien nog aankunnen. De Jager zei dat het erop lijkt dat de eurolanden vrijdag tot een besluit zullen komen.

Volgens een ontwerptekst zullen de toegezegde gelden uit het EFSF opgeteld worden bij de 500 miljard euro van het ESM. De nog niet toegekende gelden uit het EFSF zullen waarschijnlijk achter de hand worden gehouden en kunnen in noodgevallen ontdooid worden.

Lees alles over de schuldencrisis in ons dossier