AMSTERDAM - De dekkingsgraad van de grootste Nederlandse pensioenfondsen is in augustus verder gedaald.

Dat bleek dinsdag uit een rondgang langs de pensioenfondsen PMT, PME, ABP en Zorg & Welzijn.

De dekkingsgraad van het pensioenfonds voor de bedrijfstak Metaal en Techniek PMT daalde met 5,3 procentpunt naar 92 procent eind augustus.

Het pensioenfonds voor de metaalelektro PME staat er het slechtst voor met een dekkingsgraad van 91,5 procent op 31 augustus.

Verhouding

De dekkingsgraad van ambtenarenpensioenfonds ABP daalde naar 99 procent. Eind juli kende het fonds nog een positieve verhouding tussen bezittingen en verplichtingen van 106 procent.

Die verhouding is voor het pensioenfonds Zorg & Welzijn gezakt ''tot onder de 100 procent''. De exacte dekkingsgraad maakt het fonds donderdag bekend.

Herstelplan

Het cijfer, dat de verhouding weergeeft tussen het vermogen van een pensioenfonds en de toekomstige financiële verplichtingen, mag niet onder 105 procent komen. Gebeurt dat wel, dan moet het fonds dat melden bij De Nederlandsche Bank (DNB) en een herstelplan opstellen.

De pensioenfondsen wijten de slechte cijfers aan de dalende beurskoersen, waardoor de beleggingen van de fondsen minder waard worden. ''Maar met name de dalende rekenrente speelt onze dekkingsgraad parten'', aldus een woordvoerder van PMT.

Door de lage stand van deze rente moeten de pensioenfondsen volgens de regels van DNB ook uitgaan van een lager rendement. Daarom moeten de fondsen nu meer geld reserveren om aan de pensioenverplichtingen te kunnen voldoen dan toen de rente hoger lag.

Redenen

DNB laat weten dat de situatie van de pensioenfondsen ''de afgelopen weken niet is gewijzigd''. Volgens een woordvoerder zijn er voor de pensioenfondsen op dit moment geen dringende redenen om hun beleid aan te passen. ''Ze werken aan de uitvoering van hun herstelplannen om de dekkingsgraad weer boven de 105 procent te krijgen.''