ATHENE - Driekwart van de financiële instellingen die Griekse schuldpapieren bezitten, doet mee aan de private bijdrage voor het noodlijdende land.

Dat schreef de toonaangevende Griekse zakenkrant Imerisia woensdag op basis van bronnen.

De deelname blijft daarmee flink achter bij de 90 procent die de Griekse overheid eind augustus eiste. Een ambtenaar van het Griekse ministerie van Financiën zei woensdag tegen persbureau Reuters dat het te vroeg is om een percentage te geven.

De banken, verzekeraars en pensioenfondsen moeten Athene uiterlijk aanstaande vrijdag laten weten of zij meedoen aan de tweede steunronde voor Griekenland.

Noodfonds

Politieke leiders van de leden van de eurozone kwamen op 21 juli overeen nog eens 109 miljard euro vrij te maken voor hulp aan het land. Daarbovenop komt de bijdrage van de financiële instellingen. In mei 2010 werd al een noodfonds van 110 miljard euro opgetuigd voor Griekenland.

Het voorstel voor de deelname van de private partijen behelst het inruilen van de huidige obligatieleningen aan de Griekse staat, met looptijden van maximaal 10 jaar, voor nieuwe schuldpapieren die over 15 of 30 jaar aflopen. Daarop krijgen de deelnemers extra garanties. Het inruilen betekent wel dat de private partijen een verlies van gemiddeld 21 procent moeten nemen op hun huidige uitstaande obligatieleningen.

Succes

Het Griekse ministerie van Financiën liet dinsdagavond weten ernaar uit te zien de private partijen een formeel bod te kunnen doen in oktober. ''We hebben alle reden om aan te nemen dat de transactie een succes zal zijn'', aldus het ministerie.