UTRECHT - Nederlandse vakantiegangers gaan beter beschermd tegen infectieziekten, zoals malaria en hepatitis A, op reis. Bijna de helft van de reizigers naar Turkije, waar een hoog risico op hepatitis A geldt, heeft zich vorig jaar laten inenten tegen de ziekte. Een jaar eerder was dat nog 30 procent. Verder vertrok 87 procent van de reizigers naar een malarialand voldoende beschermd, tegen driekwart in 2002.

Dat bleek dinsdag uit de resultaten van de Schiphol Survey, die jaarlijks de dag voor de publieksopening van de Vakantiebeurs in Utrecht wordt gepresenteerd.

Voor het onderzoek zijn 284 reizigers op de luchthaven Schiphol in de maand december ondervraagd. Internist P. van Thiel van het Tropencentrum AMC en directeur D. Overbosch van de Travel Clinic van het Havenziekenhuis in Rotterdam spreken van ,,spectaculaire'' verbeteringen.

Vooral vakantiegangers naar het West-Afrikaanse land Gambia blijken zich beter te beschermen tegen malaria. Van Thiel sloeg vorig jaar op de Vakantiebeurs nog alarm over het hoge aantal vakantiegangers dat in 2002 malaria uit Gambia ,,als souvenir'' mee naar huis had genomen. Volgens hem blijkt nu dankzij een grootscheepse informatiecampagne dat vorig jaar alle reizigers naar de populaire strandbestemming zich hebben beschermd tegen de infectieziekte, tegen acht van de tien in 2002.