BRUSSEL - Het staat vast dat Griekenland een tweede noodlening krijgt van EU en Internationaal Monetair Fonds (IMF).

De Belgische minister van Financiën Didier Reynders heeft dat zaterdag gezegd in een interview met de Vlaamse krant De Morgen. Hij verwacht een besluit daarover tijdens beraad van EU-ministers van Financiën op 20 juni in Luxemburg.

''Er komt zeker een tweede noodpakket, maar hoeveel dat zal bedragen, wordt pas op 20 juni beslist’’, aldus de demissionaire bewindsman. ''Er wordt nu gesproken over 80 miljard euro, maar dat staat nog ter discussie.’’

Een belangrijker vraag vindt Reynders hoe de privésector bij de reddingsoperatie wordt betrokken.

Bestaande leningen

''We willen namelijk 25 miljard euro voor de Grieken ophalen bij banken, verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen, die vriendelijk verzocht worden bestaande leningen aan Griekenland te verlengen.’’

Reynders vindt dat dat best gevraagd mag worden van de private sector, nu EU en IMF de Griekse regering dwingen tot meer privatiseringen van staatsbedrijven. ''Desnoods oefenen we wat zachte dwang uit op die privé-investeerders. Als overheid zijn we tenslotte bij tal van instellingen aandeelhouder.’’

Niet uit de brand

De EU en het IMF leenden Griekenland vorig jaar al 110 miljard euro, maar intussen is duidelijk dat Athene daarmee niet uit de brand is. Minister Jan Kees de Jager van Financiën toonde zich vrijdag een stuk minder bereid om de Grieken nogmaals te helpen dan zijn Belgische collega.

''Zolang aan onze voorwaarden niet is voldaan, zeg ik geen ja’’, zei hij na de ministerraad. De Jager wil eerst garanties dat Griekenland ook echt orde op zaken stelt.

Eigenbelang

Volgens Reynders is het redden van Griekenland een zaak van eigenbelang. Als de EU Griekenland laat vallen, komen de banken in problemen, en dan moet de overheid die weer redden. Bovendien brengt een failliet van Griekenland de euro in gevaar.

Dat is nadelig voor exporterende landen als Duitsland, Nederland en België, aldus de Waalse liberaal.