VOORBURG - De werkgelegenheid in Nederland is ook vorig jaar verder gegroeid. Voor het eerst in de geschiedenis werkten meer dan zeven miljoen mensen twaalf uur of langer in de week. Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag heeft bekendgemaakt.

Het aantal banen groeide in 2001 andermaal harder dan de beroepsbevolking. Daardoor daalde de werkloosheid verder. De daling is ongeveer gelijk aan die van 2000, maar vlakt in vergelijking met eind jaren negentig af.

In de afgelopen vijf jaar steeg de werkende beroepsbevolking in Nederland met 880.000. Vrouwen profiteerden het meest van deze groei. Het aantal werkende vrouwen steeg met 530.000. Bij de mannen was dat aantal met 340.000 aanmerkelijk lager.

Steeds meer vrouwen

Vorig jaar werkte meer dan de helft (53 procent) van alle vrouwen tussen de 15 en 64 jaar twaalf uur of meer in de week. Een decennium eerder was dat nog 41 procent. Ook al neemt het aantal werkende vrouwen gestaag toe, het ziet er niet naar uit dat de vrouwen de mannen inhalen. Van de mannen werkt 77 procent.

Ook vijftigers treden steeds vaker toe tot de arbeidsmarkt. Voor het eerst was in 2001 meer dan de helft van de mensen tussen de 55 en 59 jaar meer dan twaalf uur in de week betaald aan het werk. In de eerste helft van de jaren negentig was dat nog maar 38 procent.

De werkloze beroepsbevolking, daar rekent het CBS mensen onder die actief zoeken naar een betaalde baan van minimaal twaalf uur en die direct kunnen beginnen, daalde vorig jaar tot onder het kwart miljoen. Dat komt overeen met 3,4 procent van de beroepsbevolking. De potentiële arbeidsreserve, mensen die willen werken maar niet zoeken of niet direct kunnen beginnen, daalde met 50.000 tot .000 mensen.