NEW YORK - Een consortium rond zakenman Edgar Bronfman Jr. wordt de nieuwe eigenaar van Warner Music. Het koopt de muziekgroep van het Amerikaanse mediaconcern Time Warner voor 2,6 miljard dollar. Maandag werden Time Warner en het consortium het hierover eens. De muziekgroep heeft onder meer REM, Eric Clapton en Madonna in zijn stal.

De Britse muziekgroep EMI had ook belangstelling voor Warner Music, maar had er niet meer dan 1,7 miljard dollar voor over. Vorige week bleek dat de groep rond Bronfman in de race was voor de overname. Omdat die er veel meer geld voor over had, zag EMI zich maandag gedwongen het bod op haar branchegenoot in te trekken. EMI zei in een verklaring op eigen kracht te willen groeien.

De muziekbranche kampt momenteel met teruglopende inkomsten. Ze wijt dat onder meer aan het illegaal kopiëren van muziekbestanden op internet. Eerder deze maand kondigden Sony en Bertelsmann aan hun muziekactiviteiten onder te willen brengen in een gezamenlijke onderneming.

Time Warner kan met de verkoop zijn enorme schuld van 24,1 miljard dollar verminderen. De verkoop zal bij de mededingingsautoriteiten vermoedelijk geen problemen opleveren, omdat het aantal platenmaatschappijen niet kleiner wordt. Bij een samengaan van EMI en Warner zou het aantal grote maatschappijen van vijf naar drie zijn gegaan.

Behalve Bronfman en Thomas Lee zitten ook Bain Capital en Providence Equity Partners in het consortium dat Warner Music overneemt. Geen daarvan heeft op dit moment grote belangen in de muziekbranche. Time Warner krijgt de 2,6 miljard dollar in contanten. Bovendien heeft het bedrijf een optie om binnen drie jaar 15 procent van de muziekgroep terug te kopen. Warner Music maakte vorig jaar een omzet van 4,3 miljard dollar.

Voor Bronfman betekent de overeenkomst met Time Warner een terugkeer naar de muziek. Toen hij de leiding had over het Canadese dranken- en amusementsconcern Seagram bestierde hij ook Universal Music en Polygram. Deze ondernemingen vallen nu onder Vivendi Universal.

EMI wacht nu een onzekere tijd. Intern richt de onderneming zich al op kostenbesparingen om de neergang in de muziekindustrie te bestrijden. Een fusie met een branchegenoot had weer wat lucht gegeven, omdat de schaalgrootte voordelen had geboden.

"Wij hebben geconcludeerd dat het niet langer mogelijk is om tot een akkoord te komen dat acceptabel is voor beide partijen en dat de belangen dient van de aandeelhouders van EMI", stelde EMI-bestuursvoorzitter Eric Nicoli. Volgens sommige analisten zou EMI nu wel eens zelf doelwit kunnen worden van een overname.