DORDRECHT - Het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht moet de vertrokken zorgmanager Adri van den Berg (59) uit Dordrecht jaarlijks ruim 215.000 euro betalen terwijl hij er niet meer werkt. Dat is enkele tienduizenden euro's boven de balkenendenorm.

Dat maakte het ziekenhuis vrijdag bekend nadat het AD een beroep had gedaan op de Wet Openbaarmaking uit Publieke middelen gefinancierde Topinkomens (WOPT).

De jaarlijkse betaling is onderdeel van een vertrekregeling die is gemaakt toen Van den Berg aankondigde vrijwillig te willen opstappen na een ruzie in de leiding van het ziekenhuis. Daar was hij secretaris van de medische staf. Hij vertrok er op 1 januari 2009.

Extreme maatregel

De medische staf lag overhoop met het bestuur omdat toen niet duidelijk was wie nu precies de baas was in het ziekenhuis: de bestuurlijke staf of de medische staf. ''Ons was er alles aan gelegen om het vertrouwen te herstellen en de crisis te beheersen. Dat rechtvaardigde deze extreme maatregel'', aldus de woordvoerder van het ziekenhuis.

Op de vraag of Van den Berg niet is gewezen op de balkenendenorm en de discussie over vertrekregelingen in instellingen die worden gefinancierd met publiek geld, wil de woordvoerder alleen zeggen dat hem dat ongetwijfeld is gezegd.

Ook demotivatie, tegenwerken op de werkvloer zodat iemand vanzelf vertrekt, was volgens de zegsman geen optie. ''De problemen lagen zo diep en waren zo dramatisch dat dat niet tot de mogelijkheden behoorde.''

Controle

In de regeling is wel afgesproken dat Van den Bergs toekomstige verdiensten in mindering worden gebracht op het jaarlijkse bedrag van 215.943 euro. Probleem voor het ziekenhuis is dat daar geen controlemechanisme achter zit.

Van den Berg kan feitelijk niet worden gedwongen om zijn verdiensten te overleggen met het ziekenhuis.

Eerder kregen de twee andere directlieden Haijo Pietersma en Leen Pijpers respectievelijk 280.000 euro en 80.000 euro mee toen ze in 2008 werden ontslagen. Van den Berg wil niet reageren op de vertrekregeling.