BRUSSEL - Minister Camiel Eurlings (Verkeer) en zijn collega's uit de 26 andere EU-landen bespreken dinsdagochtend de schade door de sluiting van het luchtruim half april.

Bij het ingelaste EU-beraad in Brussel oriënteren de ministers zich op mogelijkheden om de gedupeerde vliegtuigmaatschappijen zo nodig te helpen.

De uitbarsting van de IJslandse vulkaan Eyjafjallajökull legde de Europese luchtvaart grotendeels stil tussen 15 en 21 april. Meer dan 100.000 vluchten vervielen, waardoor meer dan 10 miljoen passagiers niet konden reizen.

EU-commissaris Siim Kallas (Verkeer) schatte de schade voor de luchtvaartsector op 1,5 à 2,5 miljard euro. De toeristische sector zegt circa 1 miljard euro aan kosten te hebben.

Staatssteun

Als een meerderheid van de ministers dat wil, is de EU-commissaris bereid toe te staan dat regeringen de vliegmaatschappijen geld geven voor het voortbestaan. Normaal is zulke staatssteun verboden.

Een andere suggestie is dat de bedrijven de vergoedingen voor de luchtverkeersleiding veel later mogen betalen. Ook is geopperd dat EU-landen de schade mogen verhalen op een EU-postje voor grote natuurrampen.

Eén luchtruim

In een brief die de Volkskrant dinsdag heeft gepubliceerd. schrijft Eurlings dat Europa de huidige barrières in het luchtruim moet oplossen en één Europees luchtruim moet vormen.

Hij streeft naar één Europese luchtverkeersleiding. Dat zou het volgens hem mogelijk maken voortaan sneller tot een doelmatige aanpak te komen in crisissituaties zoals die van vorige maand. De openstelling van delen van het luchtruim liet volgens hem toen te lang op zich wachten.

Crisisteam

Eurlings pleit voor de oprichting van een crisiscoördinatieteam, dat snel in actie kan komen in deze situaties en gegevens kan verzamelen om de juiste besluiten te kunnen nemen.

Ook leidt de versnippering in nationale luchtruimen tot langere vluchten, omdat vaak iets moet worden omgevlogen, en daarmee tot overbodige uitstoot van broeikasgassen, schrijft de minister.