DEN HAAG - Mensen met financiële problemen wachten vaak anderhalve maand op duidelijkheid van gemeenten over schuldhulpverlening.

Dat blijkt uit een maandag gepubliceerd onderzoek naar de wachttijden in de periode december vorig jaar tot en met maart dit jaar, dat minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken) maandag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De wachttijden verschillen per gemeente. Zo bedraagt deze bij gemeenten tot 50.000 inwoners 27 dagen.

In plaatsen met 50.000 tot 100.000 bewoners moeten mensen doorgaans 49 dagen wachten totdat ze uitsluitsel krijgen over de hulp, in gemeenten van 100.000 tot 300.000 inwoners gaat het om 51 dagen en in de vier grote steden 43 dagen.

Wetsvoorstel

Het kabinet heeft een wetsvoorstel gemaakt, waarin de wachttijd wordt gemaximeerd op vier weken. De Tweede Kamer buigt zich nog over dit voorstel.

Gemeenten hanteren overigens voor dringende schuldsituaties, waarbij bijvoorbeeld uithuiszetting dreigt, kortere wachttijden. De grote vier steden hanteren een termijn van anderhalve dag en kleinere plaatsen gemiddeld vijf dagen.

Urgent

Van de gemeenten blijkt 27 procent de door henzelf vastgelegde wachttijden in urgente situaties te overschrijden. In het wetsvoorstel wil het kabinet in het geval van ''bedreigende schulden'' de wachttijd maximeren op drie werkdagen.

De vereniging voor schuldhulpverlening NVVK heeft de afgelopen tijd gemeld dat het beroep op schuldhulpverlening door de economische crisis toeneemt.

Wachttijd

Nu blijkt volgens 23 procent van de schuldhulpverleners dat de wachttijd sinds begin 2009 is opgelopen, 45 procent stelt dat deze is gelijkgebleven en 18 procent ziet juist een afname.

Bijna zes op de tien hulpverleners constateren dat er meer geld beschikbaar is voor schuldhulp en volgens een kwart is het budget gelijk gebleven. Het kabinet heeft wegens de crisis ook meer geld gegeven aan gemeenten om mensen met financiële problemen te helpen.