AMSTERDAM - De Ondernemingskamer van het gerechtshof in Amsterdam stelt geen onderzoek in naar de gang van zaken rond het overnamebod van het Japanse elektronicaconcern Canon op de Nederlandse producent van printers en kopieerapparaten Océ.

Het Nederlandse bedrijf maakte dit woensdag bekend. Het hof wijst verzoeken van een groep minderheidsaandeelhouders, onder leiding van het Britse Hermes, daarmee af.

De minderheidsaandeelhouders vonden het bod van de Japanners te laag. Bovendien meenden zij dat onvoldoende rekening is gehouden met hun belangen.

Het voornaamste bezwaar is dat Canon-vertegenwoordigers de overhand krijgen in de raad van commissarissen bij gestanddoening van het bod. De minderheidsaandeelhouders zijn goed voor 20 procent van de aandelen Océ.

Onverhuld

Volgens Hermes heeft Canon in het biedingsbericht ook ''onverhuld'' gezegd dat wie aandeelhouder in Océ blijft, niet mag delen in de waardestijging van het aandeel. Met de rechtszaak zocht Hermes, samen met medestanders USS en de Vereniging van Effectenbezitters, bescherming tegen ''het gebrek aan waarborgen in de door Océ uitgedokterde governance''.

Bestuursvoorzitter Rokus van Iperen van Océ is blij met de uitspraak. ''Met deze uitspraak kan het proces rondom de voorgenomen overname van Océ door Canon voortgang vinden'', zei hij woensdagavond in een reactie.

Aanmelding

Canon bracht in november vorig jaar een bod op Océ uit van 8,60 euro per aandeel ofwel 730 miljoen euro in totaal. Het Japanse bedrijf zei het bod gestand te willen doen bij aanmelding van tenminste 85 procent van de aandelen.

Canon heeft ruim 71 procent van de aandelen Océ binnen handbereik. Die stukken zijn deels door aandeelhouders van de Nederlandse producent van printers en kopieerapparaten aangemeld en voor een deel door Canon zelf gekocht.

Canon kan de aanmeldingstermijn nog verlengen of genoegen nemen met de stukken die nu zijn aangeboden. In dat laatste geval krijgt Canon Océ wel in handen, maar wordt het opgescheept met de opstandige minderheidsaandeelhouders.