VOORBURG - Het aantal bijstands- en WW-uitkeringen is verder toegenomen. Het aantal mensen dat bijstand kreeg, liep in het eerste kwartaal ten opzichte van eind vorig jaar op met ruim 4000 naar 325.000. Het aantal WW-uitkeringen ging in het tweede kwartaal met gemiddeld 8000 per maand omhoog. Eind juni werden er 247.000 verstrekt. Dat blijkt uit donderdag gepresenteerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

De toeneming van het aantal bijstandtrekkers zit volgens het CBS vooral bij jongeren van 15 tot 25 jaar. Deze groep neemt bijna tweederde van de stijging voor haar rekening.

In het laatste kwartaal van vorig jaar steeg het aantal bijstandsuitkeringen voor het eerst sinds lange tijd met 3000. Inmiddels is het aantal nagenoeg terug op het peil van twee jaar geleden. Eind juni 2001 waren er 326.000 bijstandsuitkeringen. Het aantal arbeidsongeschiktheidsuitkeringen daalde in het tweede kwartaal licht en kwam op 989.000.

Het aantal WW-uitkeringen komt na correctie voor seizoensinvloeden op 253.000. De stijging ten opzichte van eind maart bedraagt dan 26.000. Met een gemiddelde stijging van 8000 per maand is de toeneming groter dan in 2002. Vorig jaar was de gemiddelde stijging 3000 uitkeringen per maand.

Eind juni waren er 989.000 arbeidsongeschikten, vallend onder WAO, WAZ of Wajong. De daling van 3000 ten opzichte van eind maart betekent een voortzetting van de ontwikkeling in het eerste kwartaal. Er is dus een eind gekomen aan de voortdurende stijging van de arbeidsongschiktheid en het aantal uitkeringen blijft vooralsnog beneden het miljoen, zo stelt het CBS vast.