WASHINGTON - Het reddingsfonds van 700 miljard dollar waarmee grote Amerikaanse banken van de ondergang werden gered, voldoet niet aan de doelstellingen.

De reddingsoperatie lokt vooral nog meer risicovol gedrag uit van banken, die ondanks alle miljarden aan steun niet meer geld zijn gaan uitlenen aan consumenten en bedrijven.

Dat stelt de organisatie die toezicht houdt op het zogeheten Troubled Asset Relief Program (TARP) in een rapport voor het Amerikaanse Congres.

''De markt is overtuigder dan ooit dat de overheid zal ingrijpen als belangrijke banken moeten worden gered'', aldus de toezichthouders.

TARP

Volgens de controleurs dreigt een nieuwe crisis als de financiële sector niet verder wordt aangepakt. ''Ook al heeft TARP voorkomen dat ons financieel systeem in het ravijn viel, zonder verdere hervormingen rijden we nog altijd op dezelfde gevaarlijke bergweg. Maar dan in een nog snellere auto.''

Volgens het rapport heeft het programma er niet voor gezorgd dat banken meer geld zijn gaan uitlenen. Ook andere expliciete doelstellingen zoals de vermindering van het aantal gedwongen huizenverkopen en het creëren van werkgelegenheid zijn niet gehaald.

Daarbij zijn de banken die gered moesten worden omdat ze te groot waren om te laten omvallen, dankzij de overheidssubsidies alleen maar groter geworden.

Kosten

''De enorme kosten van TARP zijn voor niets geweest als we de fundamentele problemen in het financiële systeem niet aanpakken en we over twee, vijf of tien jaar in een zelfde of zelfs grotere crisis terechtkomen'', waarschuwen de onderzoekers.

''Het is moeilijk in te zien hoe ook maar één van die problemen tot nu toe is aangepakt.''