DEN HAAG - Het verlies op de verkoop van onderdelen van ABN Amro, waaronder Hollandsche Bank-Unie (HBU), aan Deutsche Bank kan financieel ongunstiger uitpakken dan gedacht.

Dat blijkt uit een analyse die de Algemene Rekenkamer donderdagavond heeft gepresenteerd.

Voor de verkoop van HBU en enkele zakelijke kantoren was al een negatief resultaat bekend van 1,12 miljard euro. Volgens de Rekenkamer kan het boekverlies ook tussen de 160 en 460 miljoen hoger uitvallen.

De Rekenkamer heeft de analyse van de cijfers en berekeningen achter de verkoop gedaan op verzoek van de Tweede Kamer. Het onderzoek is binnen een week verricht.

De verkoop levert de staat 700 miljoen euro op, maar de bankonderdelen stonden voor hogere bedragen in de boeken.

Twee schattingen

Volgens de Rekenkamer zijn er twee schattingen van de te verwachten verliezen en heeft minister Wouter Bos (Financiën) de meest gunstige aan de Kamer gemeld. De Rekenkamer zegt niet te kunnen beoordelen welke schatting de beste is.

De verkoop van dochterbedrijf HBU en een aantal kantoren was een eis van de Europese Commissie voor de verdere integratie van de staatsbanken ABN Amro en Fortis Bank Nederland.

Alternatieven

De fusiebank zou anders een te grote macht krijgen op de markt van kleinzakelijke kredieten. Bos heeft alternatieven bekeken voor een verkoop aan Deutsche Bank, maar die kwamen onvoldoende tegemoet aan de eis vanuit Brussel of waren financieel ongunstiger.

De Rekenkamer stelt dat de eisen van de Europese Commissie de haalbaarheid hebben beïnvloed van diverse varianten die Bos heeft bekeken.