MAASTRICHT - Een afgeronde hbo-opleiding biedt in deze tijd jongeren de beste kansen op de arbeidsmarkt. Voor ongeschoolde jongeren blijven de vooruitzichten tot 2014 slecht.

Maar ook voor academici en dan vooral degenen die een wetenschappelijke opleiding techniek, economie en recht volgen, zijn de perspectieven maar matig.

De minder goede uitgangspositie voor academici komt onder meer doordat universitaire opleidingen de laatste jaren erg populair zijn geworden. Dat blijkt uit het rapport ''De arbeidsmarkt naar opleiding en beroep tot 2014'' van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht.

Crisis

De economische crisis pakt op de opleidingniveaus anders uit, zo concludeerden de onderzoekers. Binnen veel beroepen neemt de vraag naar hoger opgeleiden toe ten koste van lager opgeleiden.

Veel hoger opgeleiden en ook ongeschoolden werken echter in sectoren die het hardst getroffen worden door de crisis.

Schoolverlaters

Tot 2014 is sprake van een verslechtering van de algehele arbeidsmarktsituatie van schoolverlaters. Vooral ongeschoolden komen moeilijk aan het werk. Voor lager opgeleiden die wel een diploma hebben, valt het mee.

Door de groeiende vraag naar zorg is in die sector veel vraag naar lager opgeleiden. Dat geldt ook voor de dienstverlening, waar veel verloop is, en na herstel van de conjunctuur ook voor de techniek.

Academici

Voor mensen met een hbo-diploma zijn de vooruitzichten het beste. Dat komt doordat op dat niveau veel banen vrijkomen en de vraag naar vervangers dus groot is. Academici hebben het een stuk moeilijker.

Er komen relatief veel afgestudeerden van de universiteiten en het aantal banen dat voor hen openvalt, blijft daarbij achter.

In 2013 is de werkgelegenheid nog niet hersteld van de crisis, verwacht het ROA. Er zullen dan 220.000 mensen minder aan het werk zijn dan in 2008. In vrijwel alle sectoren neemt de werkgelegenheid de komende jaren af. Met als uitzondering de zorg, waar de vraag naar personeel juist met 1,9 procent per jaar toeneemt.