DELFT - De nieuwe regeling voor deeltijd-WW pakt nadelig uit voor kleine bedrijven en daarom moet er voor hen een uitzondering worden gemaakt. Dat stelt de koepel voor het midden- en kleinbedrijf MKB-Nederland dinsdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Volgens de nieuwe regeling kunnen bedrijven minder lang van de regeling gebruikmaken naarmate zij voor een groter percentage van hun werknemers deeltijd-WW aanvragen.

Als een bedrijf voor vier van de zes werknemers deeltijd-WW aanvraagt, zit het onmiddellijk in de hoogste categorie en kan het voor die vier mensen maar negen maanden van de regeling gebruikmaken.

Een bedrijf met duizend werknemers dat voor 250 van hen deeltijd-WW aanvraagt, kan maximaal, dus vijftien maanden, van de regeling gebruikmaken.

Kleiner beslag

''Het kleine bedrijf legt een veel kleiner beslag op het budget van de regeling, maar mag er minder lang gebruik van maken'', schrijft MKB-Nederland in zijn brief.

De organisatie pleit ervoor de percentageregeling niet toe te passen op bedrijven tot en met 25 werknemers of op een andere manier rekening te houden met de omvang van het bedrijf.

Dringend beroep

De koepel wijst erop dat deeltijd-WW erg belangrijk is voor het midden- en kleinbedrijf. Nu zijn het vooral kleinere en de zakelijke dienstverlening die er gebruik van maken.

MKB verwacht dat binnenkort de bouw en de detailhandel een beroep willen doen op de steun. Maar de organisatie voorziet dat de nieuwe regels kleine bedrijven ervan zullen weerhouden deeltijd-WW aan te vragen.

Evenveel steun

MKB hoopt dat de Kamer minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken) zal vragen de regels voor kleine bedrijven aan te passen.

Maar een woordvoerder van Donner stelt dat er bewust voor gekozen is om de duur van de deeltijd-WW af te laten hangen van het percentage werknemers, dat een werkgever in de regeling laat stromen.

Juist op deze manier krijgen alle bedrijven, groot en klein, volgens de minister verhoudingsgewijs evenveel steun.