PARIJS - De voormalige topman van het Franse machinebouwconcern Alstom, Pierre Bilger, ziet af van een gouden handdruk van 4,1 miljoen euro. Hij doet dit na hevige kritiek van aandeelhouders en politici die hem de malaise verwijten waarin Alstom nu verkeert.

Bilger stapte in maart dit jaar op nadat duidelijk was geworden dat zijn concern in grote problemen verkeerde. Pas deze maand kwam daaraan een eind toen de Franse regering steun toezegde voor een reddingspakket van 2,8 miljard euro.

De 62-jarige Bilger verklaarde maandag dat hij wil vermijden dat het vertrouwen van duizenden Alstom-werknemers, aandeelhouders en financiële partners wordt geschaad. Hij zal ook de bedragen die hij al heeft ontvangen, terugstorten op de rekening van de bouwer van onder meer de TGV-treinen en cruiseschepen.

Bilger is nog onderwerp van een onderzoek naar de bouw van het hoofdkantoor van Alstom in 1994. Daarbij zou smeergeld zijn betaald. In de Verenigde Staten is er met de boekhouding geknoeid om te verhullen dat treinstellen voor de New Yorkse metro onder de kostprijs zijn verkocht.

De Franse politiek zag de gouden handdruk als een nieuw voorbeeld van slecht ondernemingsbestuur. Jean-Marie Messier kwam eerder dit jaar onder vuur te liggen toen bleek dat zijn voormalige werkgever, Vivendi Universal, hem 20,5 miljoen moet betalen in het kader van een afvloeiingsregeling.

Vivendi vecht dit juridisch aan en heeft volgens de krant La Tribune een tegenclaim ingediend van miljoen euro. Messier leidde Vivendi vorig jaar bijna naar de ondergang.