AMSTERDAM - Bij ruim een kwart van de stelletjes werkte in 2007 één partner voltijd en had de ander geen werk.

In negen van de tien gevallen is het de man die voltijd werkt. In 1992 gold dit voor 27 procent van de paren en in 2007 was dat 45 procent.

Hierover zijn de stellen erg tevreden; 85 procent van deze stellen vindt die situatie prima. Dat blijkt woensdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Anderhalfverdieners

Het aantal zogenoemde anderhalfverdieners is flink in opkomst. Bij zo'n indeling werkt de één voltijd en de ander deeltijd. Van de gezinnen met kinderen blijkt meer dan de helft volgens het anderhalfverdienersmodel te werken.

Gevallen waarin beide partners voltijd werken zijn erg stabiel, dat is sinds 1992 nauwelijks veranderd en schommelt rond de achttien procent.