UTRECHT - De VO-Raad, de organisatie van werkgevers in het voortgezet onderwijs, hoeft niets te rectificeren.

Dat heeft de voorzieningenrechter in Utrecht maandag bepaald in een kort geding dat de onderwijsbonden hadden aangespannen tegen de werkgevers.

Bonden en werkgevers liggen overhoop over de interpretatie van een akkoord dat zij op 12 september sloten.

Lestijden

De bonden eisten dat de VO-raad deze uitlatingen op haar website zou rectificeren. Dat hoeft niet van de rechter. Ook hoeven de werkgevers het akkoord niet met een positief stemadvies aan hun leden voor te leggen.

Advies

De VO-raad heeft het advies inmiddels neutraal aan haar leden voorgelegd. Daar had de rechter geen problemen mee. Ook de nadelige consequenties van het akkoord mocht de VO-raad aan haar leden voorleggen, vond de rechter.

De bonden mochten er ook niet voetstoots vanuit gaan dat de afgesproken maatregelen op voldoende steun bij de achterban van de VO-raad konden rekenen. De eis om een nieuwe ledenraadpleging te houden, wees de voorzieningen rechter daarom af.

Akkoord

De kantonrechter stelde bovendien vast dat uit de tekst niet onomstotelijk blijkt dat het akkoord ook op deeltijddocenten van toepassing is. De VO-raad hoeft haar uitlatingen over het akkoord daarom niet te rectificeren.

Ook de eis van de VO-Raad om de bonden terug te sturen naar de onderhandelingstafel, wees de rechter af.