AMSTERDAM - Winkels in Nederland hebben te maken met een ware inbraakgolf. Het totale schadebedrag dat winkels aan criminaliteit kwijt waren, bedroeg vorig jaar 645 miljoen euro, vijf miljoen euro meer dan een jaar daarvoor.

Het schadebedrag is daarmee voor het eerst sinds jaren weer gestegen, blijkt dinsdag uit het Nationaal Onderzoek Winkelcriminaliteit van het Platform Detailhandel Nederland (PDN).

Eind februari werd al bekend dat het aantal overvallen op winkels voor het eerst in zes jaar weer is toegenomen. Vorig jaar werden 774 winkels overvallen, tegenover 632 een jaar eerder en 1136 in 2002.

Bendes

De winkeliers hebben te maken met twee nieuwe typen inbraken, zegt Sander van Golberdinge, secretaris winkelcriminaliteit van het PDN. "De Nederlandse bendes maken gebruik van snelle, goed voorbereide inbraken, waarbij ze met ruw geweld door beveiligingssystemen breken. Vaak weten ze ook door het dak binnen te komen."

Een ander nieuw 'inbraaktype' is dat dat Oost-Europeanen gebruiken. "Bendes van Roemenen, Bulgaren en Polen maken gebruik van een geruisloze inbraak. Ze laten zich vaak overdag in winkels insluiten om de volgende dag met de gestolen spullen naar buiten te lopen."

Schade

De inbrekers zorgen met hun werk voor 210 miljoen euro aan materiële schade aan panden. De diefstallen zelf zijn goed voor 270 miljoen euro en interne fraude kost de winkeliers 165 miljoen euro.

Om de inbraakgolf een halt toe te roepen, pleit het PDN voor een permanent politie- en justitieteam dat gespecialiseerd is in georganiseerde winkelcriminaliteit.