AMSTERDAM - Premier Jan Peter Balkenende had in de aanloop naar de overname van ABN Amro een veel actievere rol moeten spelen in de vastgelopen gesprekken tussen ING en ABN Amro. Dat zei VVD-leider Mark Rutte dinsdagavond bij de presentatie van het boek 'De val van ABN Amro'.

"Balkenende heeft de telefoon niet eens opgenomen toen hij moest bemiddelen tussen ABN en ING'', zei Rutte. "Hij heeft zich niet als staatsman, maar als ambtenaar opgesteld.''

ABN Amro werd vorig jaar na een felle overnamestrijd voor 70 miljard euro overgenomen door Fortis, Royal Bank of Scotland en Banco Santander. Het consortium mag de voormalig grootste bank van Nederland nu opsplitsen en onderling verdelen. Zo ver had het volgens Rutte nooit hoeven te komen.

ING

Voorafgaand aan de overnamestrijd voerde ABN Amro gesprekken met branchegenoot ING. "ABN en ING waren heel ver'', zei Rutte. "Die fusie liep vast op de ego's van twee topmannen, Rijkman Groenink van ABN en Michel Tilmant van ING. De premier is gevraagd te bemiddelen, maar hij nam de telefoon niet eens op.''

Balkenende

De Tweede Kamer en het kabinet debatteerden vorige maand over de overname van ABN Amro. De vragen van de meeste Kamerfracties spitsen zich toe op de rol van Balkenende in de aanloop naar de overname van de grootste bank van Nederland.

De bank stelde eerder dat de premier begin vorig jaar weigerde om met bestuursvoorzitter Rijkman Groenink een gesprek aan te gaan om vastgelopen fusieonderhandelingen met ING vlot te trekken.

Bevoegdheden

De premier heeft zich steeds verdedigd door te stellen dat hij geen bevoegdheden heeft bij fusies of overnames in het bedrijfsleven. Bij banken ligt die bevoegdheid volgens hem bij De Nederlandsche Bank en bij de minister van Financiën. Een meerderheid van de Kamer vindt dat Balkenende een veel actievere rol had moeten spelen.