DEN HAAG - Minister Piet Hein Donner van Sociale Zaken ziet geen reden om de portemonnee van mensen te ondersteunen. Onder de hogere inflatie neemt het kabinet geen maatregelen om de koopkracht op te trekken.

Dat heeft de bewindsman dinsdag bekendgemaakt.

Het kabinet maakte vorig najaar bekend dat de meeste Nederlanders er dit jaar tussen een kwart en een half procent op achteruit gaan. Bij die berekening werd uitgegaan van een inflatie van 2 procent. De geldontwaarding blijkt nu 2,5 procent te zijn.

Pols

Toch heeft de hoger dan verwachte inflatie nauwelijks effect op de koopkracht, stelt Donner. De minister zegt wel de vinger aan de pols te houden.

Donner zegt dat de inflatie vooral is toegenomen door de hogere prijzen voor energie en door de gestegen lonen. De duurdere energie ziet het kabinet niet als een probleem. Integendeel, het stimuleert mensen zuiniger om te gaan met gas en elektriciteit, en dat is belangrijk voor het milieu.

Matigen

De gestegen lonen zijn Donner wel een doorn in het oog. Volgens hem is de helft van de inflatie het gevolg van de hogere lonen. Hij roept werknemers en werkgevers in sommige sectors daarom op de salarissen te matigen.

In zijn brief gaat Donner ook specifiek in op arme gezinnen. Eerder presenteerde het Verwey-Jonker Instituut een rapport waaruit bleek dat in 2006 meer kinderen in armoede opgroeiden. Volgens de minister kloppen de cijfers in het rapport niet. "Het aantal kinderen in gezinnen die moeten rondkomen van een uitkering daalt juist licht", schrijft hij.