De ECB-president vreest dat het loslaten van de norm voor begrotingstekorten slecht is voor het vertrouwen in de euro

BRUSSEL - De budgettaire afspraken die zijn gemaakt bij de introductie van de euro mogen niet worden versoepeld. President Duisenberg van de Europese Centrale Bank (ECB

Duisenberg reageerde hiermee op pleidooien in enkele EU-lidstaten om in verband met de economische teruggang wat gas terug te nemen bij de begrotingsdiscipline. In het zogenoemde stabiliteitspact voor de euro staat dat lidstaten een begrotingstekort van hooguit 3 procent mogen hebben.

Het tekort in Duitsland komt met een niveau van 2,7 procent al gevaarlijk dicht bij die grens. Ook Frankrijk, Portugal en Italië naderen de gevarenzone.

Duisenberg toonde enig begrip voor de moeilijke positie waarin een aantal landen zich bevindt. Door de economische teruggang verminderen immers de belastinginkomsten. Maar op middellange termijn moeten regeringen blijven streven naar een begrotingsevenwicht, zoals overeengekomen in het stabiliteitspact, onderstreepte hij.

Duisenberg toonde zich redelijk optimistisch over het herstel van de Europese economie komend jaar. Het dal is volgens hem nu bereikt en in 2002 zal het geleidelijk beter gaan. Voor het laatste kwartaal van volgend jaar verwacht hij weer een groei van boven de procent.

Duisenberg wees erop dat de fundamenten van de Europese economie gezond zijn, dat de lage olieprijs en de gematigde loonwontikkeling de vraag zullen stimuleren en dat de rente in twintig jaar niet zo laag geweest is.

Hij zei ook dat de inflatie, die vorige maand is gezakt naar 2,1 procent, volgend jaar verder zal dalen tot circa 1,5 procent. Of de ECB daarin aanleiding ziet tot een verdere rentedaling, liet hij in het midden.