UTRECHT - Een ruime meerderheid van de Nederlandse raadsleden is ontevreden over hun loon. De vergoeding moet omhoog, vindt 80 procent van de raadsleden.

De helft wil de vergoeding koppelen aan het verrichte werk. Dat blijkt donderdag uit een enquête die gemeenteraad.nl de afgelopen week aan 8000 raadsleden en fractievoorzitters voorlegde.

Ruim 2500 volksvertegenwoordigers reageerden. Volgens Geeske Wildeman, directeur van gemeenteraad.nl, is het opvallend dat zoveel mensen binnen korte tijd hun mening lieten weten.

"Blijkbaar is de hoogte van de raadsvergoeding iets dat veel raadsleden aan het hart gaat."

Dijkstal

De respondenten gaven hun mening over verschillende verhogingsvoorstellen. Het voorstel van het kabinet, een verhoging van 10 procent, ziet maar 7 procent zitten. Een verhoging met 30 procent, het voorstel van de commissie-Dijkstal, valt bij 30 procent van de ondervraagden in goede aarde.

De helft staat achter het voorstel van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) die de vergoeding wil koppelen aan het aantal gewerkte uren en niet meer aan het aantal inwoners per gemeente.

Cursus

Op de vraag of het verantwoord is om een deel van het gemeenschapsgeld te gebruiken om de volksvertegenwoordigers te professionaliseren, zegt 90 procent dat een professionelere raad effectiever kan werken. De helft van de raadsleden volgde in 2007 slechts één of twee keer een cursus. Een derde ondernam niets.

Volgens Wildeman vinden raadsleden het moeilijk om gemeenschapsgeld aan eigen trainingen uit te geven. "Ze vinden professionalisering wel belangrijk, maar in de praktijk wordt daar niet echt aan gewerkt", aldus de directeur.