DEN HAAG - Niet alleen moeders werken in Nederland meestal in deeltijd. Ook vrouwen die geen (jonge) kinderen hebben, werken doorgaans minder dan 35 uur per week. Daarin wijkt Nederland duidelijk af van andere landen, zo blijkt uit het rapport Nederland deeltijdland dat het Sociaal en Cultureel Planbureau dinsdag heeft gepubliceerd.

Vergeleken bij andere westerse landen werken in Nederland veel vrouwen. Ruim tweederde heeft een baan van minstens een uur in de week. Alleen in de Scandinavische landen en Zwitserland ligt het percentage werkende vrouwen hoger.

Ook blijven in Nederland veel vrouwen werken wanneer zij een kind krijgen. Van de moeders met kinderen onder de vier heeft bijna drie kwart een baan. In Duitsland ligt dat op 45 procent en in Frankrijk op 60.

Kampioen

Wel is de Nederlandse vrouw kampioen deeltijdwerk. Driekwart van de werkende vrouwen heeft een deeltijdbaan van minder dan 35 uur per week. Dat is bijna twee maal zoveel als het Europees gemiddelde.

Deeltijdwerk past in de opvattingen over zorg voor kinderen. Dat moeders werken, is geen punt meer. Maar een voltijdbaan gaat de meeste Nederlanders te ver. Een meerderheid vindt dat kinderen het beste door de eigen ouders kunnen worden verzorgd.

Een derde van de vrouwen en ruim de helft van de mannen vindt de vrouw hiervoor het meest geschikt. Jonge vrouwen en jonge mannen denken hier niet anders over dan twintig jaar geleden.

Frankrijk

In andere landen is dat niet veel anders. Ook in Frankrijk, voormalig West-Duitsland en Spanje denkt bijna de helft van de mannen en vrouwen dat het gezin eronder lijdt als de moeder een volledige baan heeft. In de Scandinavische landen is dat een kwart.

Ook in deze landen heeft een op de drie werkende vrouwen de voorkeur voor deeltijdwerk. Maar daar is vaker dan in Nederland het verlies aan inkomen reden ervan af te zien.