DEN HAAG - Professionele frietbakkers gebruiken ongezond vet. Het vet waarin de friet wordt gebakken bevat te veel verzadigde vetten en transvetzuren. Dat concludeert de Consumentenbond na onderzoek in 49 frietkramen, cafetaria's en fastfoodketens in Nederland. De bond raadt frietbakkers aan vloeibaar plantaardig vet te gebruiken.

"Het lijkt erop alsof zij uit gemakzucht ongezond vet gebruiken", aldus de bond in een vrijdag gepubliceerd onderzoek. Verzadigd vet is bij verhitting stabieler dan onverzadigd vet omdat het minder snel met zuurstof reageert. Het is dan ook langer te gebruiken.

"Hoe komen ze daarbij?" reageert M. Colijn, voorzitter van de divisie fastfood en ijsbedrijven van Koninklijk Horeca Nederland (KHN). "In die aanname ga ik absoluut niet mee. Vloeibaar vet is juist veel eenvoudiger in gebruik dan vast vet."

Volgens Colijn veranderen de inzichten over het gebruik van vetten elke keer. "Een aantal jaren geleden werd hard vet als het beste gezien, nu is dat plantaardig vloeibaar vet." De meeste frietbakkers werken volgens Colijn al met het plantaardige vet.

Hij ziet veel nut in de onderzoeken zoals die van de Consumentenbond. "Het is natuurlijk een slechte zaak dat er verkeerde vetten worden aangetroffen. Maar je moet die jongens wel de tijd geven om om te schakelen." De KHN geeft voorlichting aan cafetaria's en frietkramen over het gebruik van vloeibaar plantaardig vet.