DEN HAAG - De Nederlandse Spoorwegen mogen de prijzen van treinkaartjes op 1 juli niet verhogen. Dat heeft de president van de rechtbank in Den Haag vrijdag bepaald. De uitspraak betekent een overwinning van de Staat op de vervoerder. De Staat had een kort geding aangespannen om de tariefstijging te voorkomen.

De NS wilde de prijzen met gemiddeld 4,15 procent verhogen. Dit zou de onderneming de komende twintig jaar 500 miljoen euro opleveren. Met dat geld wil de vervoerder de dienstverlening verbeteren en het verlies bij zijn reizigerstak ombuigen in winst.

Nu de tariefsverhoging niet door mag gaan, overweegt de NS treinen uit de dienstregeling te gaan schrappen, vooral in de rustige avonduren. Bovendien denkt het spoorbedrijf in beroep te gaan tegen de uitspraak.

Minister De Boer van Verkeer en Waterstaat zag in eerste instantie weinig heil in een rechtsgang, omdat zijn juristen hem geen kans gaven op succes. De Tweede Kamer dacht daar anders over en haalde de bewindsman over om toch naar de rechter te stappen.

Hoewel de Staat in het gelijk werd gesteld, veegde de president van de rechtbank de vloer aan met de handelswijze van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Dat gaf in 2002 al toestemming aan de NS om de kaartjes duurder te maken. Dat die prijsverhoging nu alsnog niet doorgaat, is voornamelijk te danken aan de gezamenlijke consumentenorganisaties die zich aansloten bij de afgedwongen rechtsgang van de Staat, aldus de president.

Die was tevens kritisch over de manier waarop NS een dubbele verhoging wilde doorvoeren. Om vijf voor twaalf 's nachts op de laatste dag van 2002 voerde de NS al een verhoging door van 4,9 procent. Door dit net voor de jaarwisseling te doen, dacht de vervoerder dit jaar de prijzen weer omhoog te mogen gooien. Het contract tussen de NS en de Staat bepaalt dat de treinkaartjes niet twee keer per jaar duurder kunnen worden. De rechter stelde vrijdag echter dat de prijsverhoging van eind december al voor 2003 gold.

Het argument van de NS dat het utblijven van duurdere kaartjes veel geld zou kosten, maakte geen indruk. Toen de onderneming in beloofde de kaartjes niet duurder te maken, stelde het tegelijkertijd daardoor een structureel tekort op te lopen. Daarom kan de NS daar nu geen aanspraak meer op maken, vond de president van de rechtbank.

Reizigersorganisatie Rover noemde de uitspraak in een eerste reacte een overwinning voor de consumentenorganisaties. Naast Rover bestreed ook de Consumentenbond de prijsverhoging.