AMSTERDAM - Aan werknemers die door blootstelling aan asbest de dodelijke ziekte mesothelioom hebben gekregen, is vorig jaar gemiddeld bijna 73 procent meer uitgekeerd.

De gemiddelde vergoeding steeg van 24.211 euro in 2005 naar 41.847 euro. Dat blijkt uit de woensdag gepubliceerde jaarrapportage van het Verbond van Verzekeraars.

De gemiddelde schadevergoeding, waarbij het gaat om een eenmalige uitkering aan slachtoffers of nabestaanden, is in de periode 2002-2005 jaarlijks toegenomen met ongeveer 2000 euro.

De ongekende stijging in het afgelopen jaar is volgens de woordvoerder van het verbond toe te schrijven aan de professionelere begeleiding van de asbestslachtoffers.

Aandacht

Verder is er meer aandacht gekomen voor zogenoemde vervolgschade, zoals het ontbreken van een nabestaandenpensioen. Ook zijn er betere behandelmethoden ontwikkeld voor patiënten met mesothelioom, ook wel longvlies- of borstvlieskanker genoemd.

De schadevergoedingen aan slachtoffers met andere asbestziekten stegen eveneens. De gemiddelde vergoeding ging vorig jaar met 24 procent omhoog tot 48.773 euro. De vergoedingen voor overige beroepsziekten bleven ongeveer gelijk.

Verzoek

In 2006 hebben 371 asbestslachtoffers en nabestaanden bij het Instituut Asbestslachtoffers (IAS) een verzoek ingediend tot schadevergoeding. Het aantal verzoeken tot bemiddeling was in 2006 bijna gelijk aan het jaar daarvoor.

Het IAS is een gezamenlijk initiatief van het Comité Asbestslachtoffers, werkgevers- en werknemersorganisaties, het Verbond van Verzekeraars en de overheid. Het instituut bemiddelt tussen asbestslachtoffers en hun (ex-)werkgevers bij de afwikkeling van schadeclaims.

Mannen

De groep slachtoffers die succesvol een beroep deed op het IAS bestaat vrijwel geheel (97 procent) uit mannen met een gemiddelde leeftijd van 68 jaar.