DEN HAAG - Biotechnologiebedrijf Pharming krijgt nog een kans. De rechtbank in Den Haag heeft donderdag bepaald dat de voorlopige surseance van het bedrijf wordt omgezet in een definitieve. Dat geeft het Leidse Pharming de kans een doorstart te maken.

Sinds augustus van dit jaar verkeerde het bedrijf in voorlopige surseance van betaling. Pharming raakte in acute financiële problemen toen geldschieters afhaakten.

Het biotechnologiebedrijf is blij met de uitspraak. "Het alternatief was een faillissement", zei een woordvoerder in een reactie. De schuldeisers van Pharming, met het Amerikaanse geneesmiddelenbedrijf Genzyme als grootste, zijn "in meerderheid akkoord gegaan".

Pharming staat onder meer, samen met Genzyme, aan de basis van het medicijn Pompase. Daarmee behandelt het Academisch Ziekenhuis Rotterdam peuters die lijden aan de dodelijke spierziekte van Pompe. Het middel is gebaseerd op melk van konijnen die van een bepaald gen zijn voorzien. Daarnaast kreeg het bedrijf bekendheid door de stier Herman.

Volgens de woordvoerder heeft Pharming nu de tijd om "in een gereorganiseerde en geherstructureerde vorm" door te gaan. Wanneer de lucht tussen Pharming en Genzyme helemaal is geklaard, komt het weer goed met het Leidse bedrijf. "Dan hebben we de mogelijkheid om op eigen benen verder te gaan."

De definitieve surseance geldt tot 1 juli 2002.