PARIJS - 's Werelds grootste economieën hebben zaterdag afgesproken om samen op te trekken tegen de economische malaise. Na twee dagen van vergaderen lieten de ministers van Financiën van de G7, de groep van zeven belangrijkste industrielanden, weten dat ze 'passend' zullen reageren als blijkt dat de economische vooruitzichten verder verslechteren.

De G7 kwam vrijdag en zaterdag in Parijs bijeen om te praten over de economische achteruitgang die wereldwijd zichtbaar is. Hoewel er in de slotverklaring met geen woord over werd gerept, stond de Irak-kwestie hoog op de agenda.

De onzekerheid over de gevolgen van een mogelijke oorlog tegen Saddam Hussein houdt de wereldeconomie al enkele maanden in de houdgreep. Dit uit zich onder meer in duurdere olie, dalende beurskoersen, minder winst bij bedrijven en een oplopende werkloosheid.

Economische achteruitgang

De G7 (de Verenigde Staten, Canada, Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Italië en Japan) constateert dat er sprake is van economische achteruitgang, maar stelt eveneens vast dat de dragende economieën veerkrachtig genoeg zijn om dit op te vangen.

In de slotverklaring beloven de Europese landen dat zij meer hervormingen zullen doorvoeren om een basis te leggen voor verdere economische groei. Dit geldt onder meer voor de arbeidsmarkt en de kapitaalmarkten, die te weinig flexibel zijn. Japan zegt toe structurele hervormingen door te voeren in de noodlijdende financiële sector. De VS willen meer doen om extra banen te creëren.

Rente verlagen

Wim Duisenberg, president van de Europese Centrale Bank (ECB), gaf eerder op de dag aan klaar te staan om op te treden als blijkt dat de economieën in de eurozone blijven kwakkelen. Hij gaf daarmee een krachtig signaal dat de ECB overweegt de rente te verlagen om de economische groei te stimuleren. Duisenberg was in Parijs ook aanwezig bij het G7-overleg.

Duisenberg zei dat de onzekerheid over de toekomst verder is toegenomen en dat dit de economische groei belast. Ook het inflatiegevaar is daardoor afgenomen, aldus de bankpresident. Daarmee staat de deur open voor een renteverlaging, die gewoonlijk de inflatie opdrijft.

De laatste keer dat de ECB de rente verlaagde was op 5 december. De herfinancieringsrente, het belangrijkste tarief, ging toen van ,25 naar 2,75 procent, het laagste niveau in meer dan drie jaar. In de Verenigde Staten, waar de centrale banken vanaf begin 2001 de rente agressief omlaag gebracht hebben, bevindt de rente zich op het laagste peil in meer dan veertig jaar.

Duisenberg liet twee weken geleden al doorschemeren dat de ECB mogelijk dit voorjaar de economische vooruitzichten voor de eurozone neerwaarts zal bijstellen. In december gingen de economen van de centrale bank nog uit van 1,1 tot 2,1 procent groei dit jaar en 1,9 tot 2,9 procent in 2004. Deze percentages lijken niet meer haalbaar gezien de moeilijkheden bij de grootste economieën in de eurozone, die van Duitsland en recentelijk ook die van Frankrijk.

Vrijdag lekte uit dat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) de groeiprognose voor de eurozone voor dit jaar heeft verlaagd van 2,3 tot 1,3 procent. Ook over de wereldeconomie is het IMF somberder. Wereldwijd zal de economische groei afnemen van 3,7 tot 3,3 procent.