VOORBURG - Steeds meer scholieren en studenten werken naast hun studie. Ruim de helft (570.000 personen) van de 15- tot -jarigen met een voltijdopleiding had in 2001 een baan. In 1992 was dit nog eenderde. Bovendien werken de jongeren wekelijks steeds meer uren. Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag op zijn website gepubliceerd.

De meeste werkende scholieren en studenten hebben een bijbaan van minder dan twaalf uur per week. Tussen 1992 en 2001 is het aantal baantjes dat wekelijks tussen de twaalf en 34 uur opslokt, echter verdubbeld.

Studenten aan universiteiten werken het meest. Ongeveer 63 procent van hen had in 2001 een baantje. Ook veel mbo-leerlingen brengen een deel van hun vrije tijd werkend door.