SOESTERBERG - De Nederlandse defensie-industrie moet op eigen benen leren staan. De ongeveer 250 kleine en middelgrote Nederlandse bedrijven die op de defensiemarkt opereren moeten zich voorbereiden op een open Europese markt van de toekomst.

Dat heeft staatssecretaris Cees van der Knaap woensdagochtend gezegd tijdens een bijeenkomst over innovatie en Defensie in Soesterberg.

Op dit moment is de Europese defensiemarkt geen open markt. De productie van defensiematerieel is uitgezonderd van de regels voor de interne markt. Dit betekent dat er voor veel defensiebedrijven geen gelijk speelveld bestaat in de internationale concurrentie.

Volgens Van der Knaap worden hierdoor slecht werkende defensiebedrijven op kunstmatige wijze in stand gehouden. Bovendien vreest hij dat als in Europa de nationale industriële belangen blijven prevaleren, Europa op de lange termijn de concurrentiestrijd met de Verenigde Staten verliest.

Van der Hoeven

De staatssecretaris roept het bedrijfsleven daarom op zich op de toekomst voor te bereiden. Zelf werkt hij samen met minister Maria van der Hoeven (Economische Zaken) aan een plan om de bedrijven een duwtje in de rug te geven. Binnenkort stuurt het kabinet dit naar de Tweede Kamer.

In de Nederlandse defensie-industrie gaat op dit moment ongeveer 2 miljard euro per jaar om. Het ministerie van Defensie investeert jaarlijks ongeveer 1,5 miljard euro in materieel.