WAGENINGEN - Werkende ouders verbruiken meer energie in hun huishouden dan anderen, die het minder druk hebben. Dat komt omdat ze meer energie moeten steken in overleg over de huishoudelijke taken en omdat ze minder tijd hebben om uit te zoeken of een bepaalde taak energiezuiniger kan.

Huishoudens verbruiken 40 tot 60 procent van alle energie in Nederland. Dat blijkt uit een onderzoek van technoloog Diana Uitdenbogerd, waarop zij volgende week aan de Wageningen Universiteit promoveert.

Uitdenbogerd concludeert dat het stroomlijnen van de taken in een huishouden een aanzienlijke besparing kan opleveren. Volgens haar zouden er door de overheid gestimuleerde coaches moeten komen, die het organiseren van energiebesparing in een huishouden regelen.

Seizoensproducten

Uitdenbogerd volgde 376 gezinnen en bekeek het energieverbruik van 31 huishoudelijke taken. Zo lette zij onder meer op het gebruik van seizoensproducten en op de aanschaf van bossen bloemen, maar ook op bekendere bezuinigingsmaatregelen als de verwarming een graadje lager, gordijnen sluiten en groene stroom.

Na een jaar bleken de gezinnen gemiddeld vier tot zes besparingstips te hebben doorgevoerd. Opvallend is dat grote gezinnen met veel kinderen eerder bereid waren iets extra's te doen, aldus de promovenda. Ook bleken de gezinnen hun stroomverbruik veel te laag in te schatten, zelfs degenen met een groot milieubewustzijn.

Energieshops

Volgens Uitdenbogerd zouden er energieshops moeten komen, waar mensen informatie kunnen krijgen over hun energieverbruik. Dergelijke energieshops zouden door overheid, branche en middenstand gezamenlijk onderhouden moeten worden. Een gerichte campagne voor energiezuinig huishouden levert rendement op, verwacht de promovenda.