MAASTRICHT - Een jaar werken levert iemand net zo veel kennis op als negen maanden studie. Dat stellen onderzoekers van het Maastrichtse Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) in de vrijdag verschenen editie van het tijdschrift ESB.

Het betekent dat jongeren die werken een enorme voorsprong hebben op degenen die niet of part-time werken, schrijven Lex Borghans, Bart Golsteyn en Andries de Grip.

Gemiddeld verrichten werkenden in Nederland gedurende 31 procent van hun werktijd leerzame werkzaamheden, becijferden de wetenschappers. Voor iemand met een volledige baan is dat 540 uur per jaar.

De gemiddeld 37 uur die werkenden jaarlijks aan formele cursussen en trainingen besteden, steken daar schril bij af: het is niet meer dan 6 procent van de totale leertijd.

Kennis

Het drietal concludeert dat het formele leren slechts de top van de ijsberg van het totale leren vormt. Zij vinden dat er veel meer oog moet zijn voor wat er onder die top is: de kennis die mensen opdoen als zij werken. Om die reden zou moet worden gestimuleerd om aan het werk te gaan en te blijven.

Niveau

Het opleidingsniveau heeft geen invloed op de tijd die werkenden besteden aan informeel leren. Ook is er geen verschil tussen mannen en vrouwen. Naarmate ze ouder worden, neemt de tijd die werkenden besteden aan informeel leren af.

Toch verrichten mensen rond de zestig jaar gemiddeld een kwart van hun werktijd werkzaamheden waarvan ze kunnen leren.

Moe

Vrouwen geven veel vaker dan mannen aan dat ze 's avonds te moe zijn om nog een opleiding te volgen. Ook zeggen vrouwen vaker dat zij het eng vinden om weer examen te moeten doen.

Mensen met een lage opleiding hebben eveneens vaker angst om examen te doen. Een groter zelfvertrouwen stimuleert de scholingsdeelname.