DEN HAAG - De bewaking van politici en leden van het koninklijk huis kostte in 2006 34 miljoen euro. In de periode voor de moord op Pim Fortuyn lag dit rond de 12 miljoen euro per jaar, bevestigde zaterdag een woordvoerder van het Korps landelijke politiediensten (KLPD) een bericht in het AD. De Dienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging (DKDB), verantwoordelijk voor de bewaking, valt onder het KLPD.

De DKDB beveiligt tien leden van het koninklijk huis. Ongeveer vijftien tot twintig politici en andere vips krijgen ook permanente bewaking, onder wie minister-president Jan Peter Balkenende en Tweede Kamerlid Geert Wilders.

Voor 2008 verwacht de DKDB 46 miljoen euro nodig te hebben om de veiligheid te garanderen. De dienst denkt dat de kosten de komende jaren nog verder zullen oplopen, omdat ze nog niet op volledige sterkte is.

Vacatures

Ondanks het feit dat het aantal persoonsbeveiligers de laatste jaren ook fors is gestegen, heeft de DKDB nog veel vacatures. In 2001 had de dienst 130 beveiligers, nu lopen er 306 lijfwachten bij de DKDB rond. Dit aantal moet met nog eens honderd nieuwe collega's worden aangevuld.

In het AD zegt Guus Appels, hoofd van de dienst, dat de stijging van de kosten te maken heeft met de groeiende beveiliging voor politici. "Het moet wel gaan om iemand met een publieke functie. We houden ons niet bezig met een voetbaltrainer die een kogelbrief krijgt." De kosten voor de beveiliging van de leden van het koninklijk huis zijn al jaren stabiel, aldus Appels.