De Europese Centrale Bank (ECB) draaide eind december de geldkraan dicht. Een kleine vier jaar lang heeft de centrale bank de eurozone voorzien van goedkoop geld. Hoe effectief is de maatregel geweest en brengt de opberging van het geldkanon nog problemen met zich mee?

In januari 2015 start ECB-directeur Mario Draghi de geldmachine: het bijdrukken van geld om daarmee obligaties op de financiële markten op te kopen, ook wel QE of kwantitatieve verruiming genoemd. De eurozone bevindt zich op dat moment midden in de eurocrisis. De Europese economie ligt op z'n gat en de werkloosheid is hoog.

Het opkoopprogramma is volgens de centrale bank nodig om de inflatie weer aan te jagen. Wanneer Draghi QE aankondigt, is er namelijk sprake van deflatie in de eurozone. En dat terwijl de ECB een inflatie nastreeft van "beneden, maar dicht bij de 2 procent".

"De deflatie (daling van het algemene prijspeil, red.) was de belangrijkste trigger voor de ECB om erin te stappen", zegt Wim Boonstra, hoogleraar Economisch en Monetair Beleid aan de Vrije Universiteit (VU). "De aarzelende conjunctuur plus de dalende prijzen hebben alle alarmbellen doen afgaan bij de ECB."

De hoogleraar, die ook actief is als senior econoom bij de Rabobank, noemt QE dan ook "goed verdedigbaar". "Deflatie is heel gevaarlijk. Als je eenmaal in een omgeving van zakkende prijzen zit en mensen gaan verwachten dat prijzen blijven dalen, is het bijna niet meer mogelijk om er zonder paardenmiddelen echt uit te komen", zegt Boonstra. "En dat wilden ze nog voor zijn."

'We weten niet hoe de economie zich had ontwikkeld zonder QE'

Door schuldpapier op te kopen, hoopt de ECB dat banken en institutionele beleggers meer geld gaan uitlenen aan bedrijven en consumenten. Door geld goedkoper te maken, wordt het interessanter om investeringen te doen. Zo probeert de centrale bank de economie aan te jagen en de inflatie aan te wakkeren.

Een kleine vier jaar later gaat de inflatie richting het gewenste niveau, zijn de Europese economieën weer gegroeid en is het werkloosheidspercentage gehalveerd. Toch is het niet mogelijk om dat volledig toe te schrijven aan het geldkanon van Draghi.

"Het is heel erg lastig om QE te evalueren", stelt de hoogleraar. "De economie is geen laboratorium, je kunt niet twee experimenten uithalen. We weten niet hoe de economie zich zou hebben ontwikkeld als de ECB er niet in was gestapt."

Veel kritiek op het gevoerde ECB-beleid

Het programma van Draghi kreeg in de loop der jaren veel kritiek, met name uit Noord-Europese landen. Zij vreesden dat de 'sterke' landen de rekening moesten betalen van de 'zwakke' broeders, die te weinig zouden doen om hun begroting op orde te krijgen.

DNB-directeur Klaas Knot noemt het programma in januari 2015 "een abnormaal instrument" en "een paardenmiddel". "Als je al van mening bent dat het in de Verenigde Staten heeft gewerkt, is dat vermeende succes niet zomaar te projecteren op de eurozone", stelt Knot na de aankondiging van het opkoopprogramma in Buitenhof.

“QE zal uiteindelijk eindigen in een ramp.”
Wolfgang Schäuble, Duitse oud-minister van Financiën

Ook Wolfgang Schäuble, de toenmalige Duitse minister van Financiën, is geen fan van het ECB-beleid. Hij verwacht dat QE "uiteindelijk zal eindigen in een ramp". Schäuble geeft Draghi's beleid zelfs de schuld van de opkomst van de rechts-populistische partij Alternative für Deutschland in Duitsland.

Critici van het programma benadrukken de schaduwzijde van QE, zoals de gevolgen voor spaarders en pensioenfondsen. Door de lage rente levert spaargeld weinig op, terwijl pensioenfondsen erdoor in de problemen komen. Een lage rente heeft ongunstige gevolgen voor de dekkingsgraden van de fondsen.

“QE heeft geleid tot negen miljoen banen, waarvan 240.000 in Nederland.”
Europese Centrale Bank

Toch heeft het opkoopprogramma Nederland geholpen, stelt Boonstra. "Financieel zwakkere landen zijn door QE overeind gehouden."

"Het feit dat die zwakkere landen werden geholpen, heeft veel bijgedragen aan het herstel van Nederland en Duitsland: het zijn namelijk onze belangrijkste exportmarkten", vervolgt de Rabobank-econoom.

In december 2018 publiceert de ECB een rapport over het monetaire beleid van de afgelopen twintig jaar. De centrale bank schrijft hierin dat er sinds QE negen miljoen banen in de EU zijn bijgekomen.

Een derde hiervan zou volgens de ECB een direct gevolg zijn van het opkoopprogramma. Voor Nederland zou dat op ongeveer 240.000 banen neerkomen.

Draghi draait geldkraan dicht wanneer groei afremt

Ironisch genoeg draait Draghi de geldkraan dicht wanneer de groei van de wereldeconomie af lijkt te remmen. Eind december waarschuwde de ECB nog voor een vertraging van de economische groei. Is het dan wel een goed moment om te stoppen met QE?

"Er zijn altijd wel redenen om iets niet te doen. Onzekerheid, financiële markten, maar tegelijkertijd is de situatie met QE er eentje die niet oneindig houdbaar is", legt Boonstra uit.

“Lang niet alles wat er aan prijsstijgingen is geweest, is een zeepbel.”
Wim Boonstra

Het opbergen van het geldkanon zal ook niet meteen leiden tot het verdampen van de economische vooruitgang van de afgelopen jaren, stelt de Rabobank-econoom.

"Je kunt niet zeggen dat alle verbeteringen op de financiële markten komen door QE, want mede door het opkoopprogramma staat de echte economie er een stuk beter voor dan een paar jaar geleden. Lang niet alles wat er aan prijsstijgingen is geweest op de financiële markten, is een zeepbel."

Problemen als economie weer krimpt

Pas wanneer de vertraging van de wereldeconomie omslaat in een krimp van de economie, kunnen er echt problemen ontstaan. "De centrale bank heeft zijn kruit wel een beetje verschoten, veel meer dan dit wordt het niet. De beleidsrente kunnen ze niet verder verlagen dan hij nu is geweest. De ECB zou weer door kunnen gaan met QE, maar het draagvlak hiervoor is niet zo groot", vertelt Boonstra.

“Overheden zijn vergeten hun kruit weer op te bouwen.”
Wim Boonstra

De bal ligt volgens de econoom bij de overheden. "Maar die zijn vergeten om hun kruit weer op te bouwen", stelt de hoogleraar. "Het enige wat dan nog kan helpen, is een expansief begrotingsbeleid van overheden. Maar de meeste landen hebben het herstel van de afgelopen jaren niet gebruikt om die ruimte te creëren, slechts een paar landen, waaronder Duitsland en Nederland, kunnen dit."

'Geen reden om pessimistisch te zijn'

Boonstra ziet echter nog geen reden om al te pessimistisch te denken. "Ondanks alle onzekerheden groeit de economie wereldwijd, de werkloosheid daalt in landen waar die hoog is en in landen zoals Duitsland en Nederland is de werkloosheid gewoon al erg laag."

"In de kern zijn we in Europa gemiddeld erg rijk en dit maakt ons redelijk weerbaar", vertelt Boonstra afsluitend. "We leven op een heel hoog welvaartsniveau, dus eigenlijk is er geen reden om pessimistisch te zijn."