Paul Polman treedt na een lange carrière aan het hoofd van een van de grootste voedselproducenten ter wereld terug. De laatste jaren kwam hij vooral in het nieuws door een vijandelijke overnamepoging, maar het grootste deel van zijn loopbaan bij Unilever was hij bezig met duurzaamheid en sociaal ondernemen.

Polman, geboren in 1956, studeerde bedrijfseconomie aan de Rijksuniversiteit Groningen, om vervolgens een master economie en een MBA in Finance and International Marketing te behalen aan de University of Cincinnati in de gelijknamige Amerikaanse stad.

Hij startte als kostenanalist bij het Amerikaanse Procter & Gamble, een concurrent van Unilever, en in 1995 werd hij managing director bij dit bedrijf. Hij werkte zich op tot president global fabric care om uiteindelijk directeur van de Europese tak te worden. Tussen 2006 en 2009 stapte hij over naar Nestlé, waar hij financieel directeur werd, en op 1 januari 2009 werd hij topman bij Unilever.

“'wil je winst voor een paar miljardairs of voor miljarden mensen?'”
Paul Polman

Een sociaal doel stond centraal in de strategie van Polman bij Unilever, met een focus op de lange termijn. Op zijn eerste dag bij Unilever zei hij de kwartaalcijfers te willen afschaffen. Verder introduceerde hij het plan om de omzet te verdubbelen en de ecologische voetafdruk te halveren, hoewel dat doel wel is uitgesteld.

Binnen elke afdeling van het concern stond duurzaamheid hoog in het vaandel. Polman zelf haalde tijdens een conferentie in 2017 aan hoe de merken van Unilever niet alleen voor een product, maar ook voor een sociaal doel staan.

'Het draait niet alleen om aandeelhouders'

Onlangs vertelde hij in gesprek met het AD nog: "Nee, bij ons draait het niet alleen om aandeelhouders. Ik kan heel makkelijk een derde van het personeel eruit gooien en de kosten omlaag schroeven. En natuurlijk zijn er aandeelhouders die dan zeggen: 'Yes, I like that'. De vraag is: wil je winst voor een paar miljardairs of voor miljarden mensen?"

Toch kreeg het concern ook nog kritiek. Zo stelde Greenpeace dit jaar dat de niet duurzaam geproduceerde palmolie van de grootste palmolieproducent ter wereld terechtkwam in producten van Unilever, Nestlé en Pepsico. Unilever ging niet in de aanval, maar noemde de uitspraken van Greenpeace terecht en legde uit hard aan een oplossing te blijven werken en noemde ook concrete cijfers over hoe ver het bedrijf daarmee was.

De focus op de boodschap van duurzaamheid werd doorkruist toen nieuws over een vijandig overnamebod van het kleinere Kraft Heinz uitlekte. Bij Unilever werd gevreesd voor de tactieken van Kraft Heinz, dat werd gesteund door investeringsfonds 3G en de Amerikaanse investeerder Warren Buffett. Kraft Heinz stond bekend als een harde saneerder.

Op het laatste moment geen steun

Het bod werd afgeslagen, maar voor het management werd duidelijk dat er maatregelen genomen moesten worden om de aandeelhouders tegemoet te komen. Unilever moest een hogere winstmarge boeken en meer dividend uitkeren. Een eerder aangekondigd bezuinigingsdoel werd verhoogd van 4 naar 6 miljard euro. De margarinetak werd verkocht en Unilever startte met het opkopen van eigen aandelen om de prijs te verhogen.

Het laatste jaar werd gedomineerd door de versimpeling van de bedrijfsstructuur en de bijbehorende verhuizing naar Rotterdam, die uiteindelijk mislukte. Op het laatste moment bleek er geen steun te zijn bij sommige Britse investeerders.

Polman zelf gaf de discussie over de dividendbelasting de schuld, maar Britse aandeelhouders wezen vooral naar het verliezen van een plekje in de Britse aandelenindex FTSE 100. Wanneer Unilever hier uit zou vallen, zouden indexfondsen die de FTSE 100 volgen het aandeel massaal verkopen. Het plan om te verhuizen ging van tafel en het nieuwe management zal met een oplossing moeten komen.