ING heeft tussen 2010 en 2016 structureel te weinig gedaan om het witwassen van geld te voorkomen. Veel bankrekeningen werden maar beperkt gemonitord waardoor bijvoorbeeld de autoriteiten soms veel te laat op de hoogte werden gebracht.

De FIOD onderzocht de praktijk bij ING sinds 2016 onder de projectnaam 'Houston' en het Openbaar Ministerie (OM) concludeert nu dat de bank ernstig tekortschoot. 

Zo werkte ING met een systeem van zogeheten 'toppings' of 'aftoppings'. Dit komt erop neer dat voor sommige categorieën witwassignalen het systeem van ING simpelweg stopte met monitoren.

"Het maximum aantal alerts was bij meerdere relevante categorieën witwassignalen beperkt tot slechts drie per dag", aldus het OM in documenten over het onderzoek.

Dit maximale aantal werd voor een groot gedeelte bepaald door hoeveel personeel ING beschikbaar had om de signalen te onderzoeken. Zo werd in een intern advies van ING geschreven: "Draai (…) aan parameters om de (over)vloed aan alerts af te toppen en zo de werkdruk te beperken." Op deze boodschap wordt bevestigend gereageerd.

Alleen het "spreekwoordelijke topje van de ijsberg" werd onderzocht", aldus het OM.

OM vond een keur aan problemen

Verder vond het OM een keur aan andere problemen. Er werd bij het 'aftoppen' van signalen bijvoorbeeld rekening gehouden met percentuele afwijkingen van een historische norm.

Maar hierdoor kregen sommige transacties mogelijk onterecht prioriteit. Een transactie van 10.000 euro op een rekening waarop normaliter transacties werden gedaan van 100 euro kwam dan hoger in het systeem dan een overboeking van 99 miljoen euro op een rekening waarop gemiddeld transacties van 1 miljoen euro werden gedaan.

Ook werden vooral de rekeningen in de gaten gehouden en niet de klanten. Een klant die meerdere rekeningen had, zou in theorie dus een grote transactie kunnen verdelen in meerdere kleine transacties en zo niet opvallen.

Bij sommige investeringsbeslissingen zouden de commerciële doelstellingen ook belangrijker zijn dan de naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Ook de interne controles van ING zouden hebben gefaald. De verschillende 'defensielinies' die hadden moeten opmerken dat wetgeving niet werd nageleefd, werkten ook niet omdat er bijvoorbeeld sprake was van verzuiling. 

Tientallen miljoenen dollars aan steekpenningen

Het OM noemt ook een aantal concrete zaken waaruit zou blijken dat klanten van ING misbruik hebben kunnen maken van hun rekeningen. Zo werd via een rekening van ING voor tientallen miljoenen dollars aan steekpenningen overgemaakt door een telecomprovider naar het bedrijf van de dochter van de toenmalige president van Oezbekistan.

Het OM verwijt ING te laat melding te hebben gemaakt en niet voldoende te hebben onderzocht wie de eigenaar was van het bedrijf van de dochter.

In een andere zaak koppelde een eenmanszaak in bouwmaterialen vijftien pinautomaten aan de rekening van ING en plaatste die, tegen de regels in, in Suriname. Er werd voor 9 miljoen euro aan crimineel geld over de rekening van ING gestuurd, terwijl er geen bouwmaterialen werden ingekocht voor eenzelfde soort bedrag. Later bleek dat de zaak fungeerde als wisselkantoor om contant geld te pinnen. "ING NL deed nauwelijks cliëntenonderzoek en de transacties van het bedrijf zijn niet behoorlijk", aldus het OM.

Het OM schrijft nog twee casussen en er zijn nog meer signalen die niet in detail zijn onderzocht, maar die zouden bevestigden dat ING het mogelijk maakte dat crimineel geld werd witgewassen. "Dat terwijl ze vanuit haar rol als poortwachter inspanningen had moeten verrichten om dit te voorkomen."