Dit moet je weten over de dividendbelasting

Het vorige maand aangetreden kabinet-Rutte III moet voor het eerst een lastige klip omzeilen: het plan om de dividendbelasting af te schaffen stuit op veel kritiek. Waar draait de discussie precies om en wat zijn de voors en tegens? 

Hoe dividendbelasting werkt

Het dividend is het gedeelte van de winst dat een bedrijf uitbetaalt aan zijn aandeelhouders. Op die uitkering wordt nu nog een belasting geheven van 15 procent.

Nederlandse beleggers kunnen de ingehouden dividendbelasting verrekenen bij de jaarlijkse aangifte over de inkomensbelasting. Per saldo maakt het voor hen dus niets uit dat de heffing wordt afgeschaft.

De crux zit hem bij buitenlandse beleggers. Zij kunnen de heffing niet verrekenen, althans niet met de Nederlandse fiscus. Afschaffing kan het dus aantrekkelijker voor hen maken om in Nederlandse beursgenoteerde bedrijven te beleggen.

Overigens bestaan er wel verdragen tussen Nederland en veel andere landen om beleggers te compenseren voor de dubbele heffing op het dividend als je vanuit Nederland in een buitenlands bedrijf belegt of andersom. Dit gaat met een hoop papierwerk en valkuilen gepaard.

Argumenten van het kabinet voor afschaffing

Het nieuw aangetreden kabinet zet per 1 januari 2019 een streep door de dividendbelasting. Daarmee moeten bedrijven in de AEX aantrekkelijk blijven voor buitenlandse beleggers.

Achterliggende gedachte is dat dit vaker dan pakweg twintig jaar geleden multinationale ondernemingen zijn, die hun wortels in meerdere landen hebben liggen. Bedrijven als Shell of Unilever zitten niet 'vastgebakken' aan hun hoofdnotering in Amsterdam, ze kunnen net zo goed hun heil zoeken op de beurs van Londen. Zeker als het Verenigd Koninkrijk, zoals verwacht, aan zijn eigen belastingtarieven gaat sleutelen na de Brexit.

Het kabinet vreest dan ook dat grote bedrijven uit Nederland zullen vertrekken, als het belastingklimaat niet aantrekkelijker voor ze wordt gemaakt. Dit kan veel banen kosten.

Het kabinet zegt dat het er ook om gaat om Nederlandse bedrijven beter te beschermen tegen overnamepogingen. Als meer buitenlandse beleggers aandelen kopen in bijvoorbeeld AkzoNobel, stijgt de beurswaarde van dat bedrijf. Een partij als PPG Industries zal dan een hoger bedrag moeten neertellen om Akzo over te nemen.  

Als argument voor afschaffing wordt verder nog gewezen op de administratieve rompslomp die de dividendbelasting met zich meebrengt. Door het rondpompen van geld tussen bedrijven, beleggers en de belastingdienst in verschillende landen, houdt het Rijk netto relatief weinig over aan de heffing.

Bedragen

Hoeveel belasting wordt geheven hangt samen met de hoogte van de winst die bedrijven boeken. In de praktijk doen concerns er alles aan om de dividenduitkering ook in mindere jaren op peil te houden, maar soms moeten ze er toch in snijden. Gemiddeld wordt jaarlijks zo’n 3,8 miljard euro geheven, waarvan uiteindelijk maar 1,4 miljard in de schatkist verdwijnt.

Om een idee te geven van de grootte van de voornaamste betrokken partijen: De beurswaarde van Shell en Unilever is respectievelijk 230 en 143 miljard euro. Daarmee nemen zij ongeveer de helft van de totale waarde van het Beursplein voor hun rekening.

De argumenten van tegenstanders van afschaffing

Tegenstanders wijzen er op dat die jaarlijkse inkomstenbron van 1,4 miljard toch mooi meegenomen is. De oppositie in de Tweede Kamer vindt dat een hoge prijs om te betalen om het vestigingsklimaat in Nederland voor multinationals op peil te houden.

De tegenstanders vinden de stap bovendien oneerlijk. Volgens hen profiteren vooral buitenlandse beleggers ervan, terwijl het kabinet de Nederlandse belastingbetaler opscheept met bijvoorbeeld een verhoging van het btw-tarief van 6 naar 9 procent, die veel dagelijkse boodschappen duurder maakt.

Daarnaast zet het tegenkamp vraagtekens bij de gevolgde redenering over de voordelen van afschaffing. Het is volgens hen niet te bewijzen dat bedrijven Nederland zullen verlaten als de dividendbelasting in stand blijft, zoals het kabinet denkt.

Maar wat met name de linkse partijen in de Kamer nog het meest stoort, is dat de maatregel rechtstreeks lijkt te zijn ingestoken door Shell en Unilever. Onderhandelaars die bij de vorming van het kabinet betrokken waren, zeggen dat met name die bedrijven hebben gedreigd Nederland te verlaten als de dividendbelasting niet wordt afgeschaft. Chantage, vindt de oppositie.

Lees meer over:

NUwerk

Tip de redactie