Dit moet je weten over TTIP

Transatlantic Trade and Investment Partnership, vaak afgekort tot TTIP, moet een omvangrijk handelsakkoord worden tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten. Bij een akkoord ontstaat het grootste handelsblok ter wereld, dat 800 miljoen consumenten omvat.

Sinds juni 2013 onderhandelen de Verenigde Staten (VS) en de Europese Unie (EU) over het handelsverdrag. De Europese Commissie, die de dagelijkse leiding heeft over de EU, onderhandelt namens Europa.

Als de onderhandelingen zijn afgerond, wordt er gekeken of de teksten juridisch in orde zijn en wordt alles vertaald in alle officiële talen van de EU. Daarna wordt het verdrag voorgelegd aan de regeringsleiders van de 28 EU-lidstaten (de Europese Raad).

Voor sommige delen in het verdrag moeten alle regeringsleiders akkoord gaan. Dat geldt voor essentiële zaken zoals de handel in diensten, buitenlandse directe investeringen en sociale-, onderwijs- en gezondheidsdiensten. In dit soort gevallen kan één lidstaat dus een beslissing tegenhouden.

Vervolgens stemt het Europees Parlement over de goedkeuring van TTIP. Hoewel de Europese volksvertegenwoordigers alle aspecten onder de loep nemen, mogen zij het verdrag niet aanpassen maar alleen goed- of afkeuren.

Of de nationale parlementen van de 28 lidstaten een stem krijgen in het goedkeuringsproces, hangt ervan af of TTIP wordt gezien als een gemengd akkoord of als een eenzijdig akkoord.

Dit hangt af van de onderwerpen waarover wordt onderhandeld. Bij zaken waarover de EU exclusieve bevoegdheid heeft om beslissingen te nemen, is er sprake van een eenzijdig akkoord en komen de nationale parlementen er niet aan te pas. Er wordt dan direct met de Amerikanen onderhandeld. 

Maar zijn het onderwerpen waarvoor de lidstaten zelf bevoegd zijn om wet- en regelgeving te maken, zoals het strafrecht en het pensioenstelsel, dan is het een gemengd akkoord en krijgen de nationale parlementen wel inspraak.

Het Nederlandse kabinet gaat er vanuit dat TTIP een gemengd akkoord wordt. Net zoals de Europese Commissie, al heeft zij dit nog niet officieel bevestigd.

In Nederland beslissen de Tweede en Eerste Kamer over het handelsverdrag nadat de Raad van State, het belangrijkste adviesorgaan van de regering, een advies heeft uitgebracht. Daarna kan de Nederlandse bevolking zich er eventueel over uitspreken in een raadgevend referendum. 

Video: TTIP in 60 seconden

Animatie: In60seconds

Wat zijn de voordelen?

Het is de bedoeling dat bestaande handelsbelemmeringen (gedeeltelijk) worden weggenomen en import- en exporttarieven worden verlaagd of verdwijnen. De VS en de EU handelen veel met elkaar. 

Uit cijfers van het Bureau voor de Statistiek (CBS) over de eerste negen maanden van 2015 blijkt dat de handel met de VS sinds 2013 toeneemt. Maar over een periode van twintig jaar gezien verliest de EU terrein aan China en Mexico. Van januari tot en met september 2015 importeerde de VS voor 317 miljard dollar uit de 28-lidstaten. In dezelfde periode exporteerden de Amerikanen voor 204 miljard euro naar Europa.

Het statistiekbureau becijferde ook dat 59 procent van de Nederlanders bij een bedrijf werkt dat importeert, exporteert of beide doet. Buitenlandse bedrijven zorgen in Nederland voor 800.000 arbeidsplaatsen. Handel is dus belangrijk voor Nederland

Beide handelsblokken stuiten nog nog op verschillende wet- en regelgeving. In de VS gelden bijvoorbeeld andere veiligheidsregels voor nieuwe auto's dan in Europa, dat bemoeilijkt de handel. Een overeenkomst over dezelfde standaarden moet deze hobbels wegnemen. 

Zoveel mogelijk sectoren moeten ervan profiteren. Voorstanders schermen met meer banen en economische groei dankzij het vrijhandelsakkoord. Ook moet TTIP leiden tot een gevarieerder aanbod en lagere prijzen van Amerikaanse producten.

Wat zijn de nadelen?

De gesprekken tussen de EU en de VS vinden zoals gebruikelijk met handelsverdragen achter gesloten deuren plaats. Dat leidt tot verontruste burgers die machteloos langs de kant staan.

Zij maken zich zorgen over het investeringsverdrag Investor-State Dispute Settlement, of ISDS, dat aanvankelijk onderdeel van TTIP zou uitmaken. Met deze arbitragemogelijkheid kunnen multinationals buiten de nationale rechtbanken om een regering voor de rechter slepen als hun investering door politieke besluitvorming opeens minder of niets meer waard blijkt te zijn. 

Politieke besluiten die op democratische wijze zijn genomen, komen onder druk te staan, zeggen critici. Er wordt gevreesd voor een Amerikaanse claimcultuur. Dankzij protesten in veel Europese hoofdsteden wordt ISDS op aandringen van de EU waarschijnlijk ingeruild voor een rechtbank met rechters.

Er komt een mogelijkheid tot beroep en er is meer transparantie dan bij het oude ISDS-voorstel. Feitelijk ligt er nog geen onderhandelingsakkoord, dus garanties zijn er niet. Het is gaandeweg wel duidelijk geworden dat de onderhandelaars onder druk van protesten inzetten op een andere koers en meer openheid geven.   

Een ander punt van zorg is dat de voedselveiligheid het zal afleggen tegen handelsbelangen. Tegenstanders vrezen dat er wordt gemorreld aan strenge, Europese regels voor toelating van schadelijke stoffen en pesticiden (chemische bestrijdingsmiddelen) van Amerikaanse multinationals.

Vakbonden zijn bang dat er wordt getornd aan het sociale stelsel voor werknemers. Het minimumloon ligt in de VS bijvoorbeeld veel lager dan in Nederland. De druk op lonen in Europa neemt daardoor toe, denken de werknemersorganisaties.

Vanuit de Europese Commissie wordt alles uit de kast gehaald om de onrust weg te nemen. "Geen enkel EU-handelsverdrag zal ooit het niveau van consumentenbescherming verlagen, of dat van voedselveiligheid, of van het milieu", zei eurocommissaris Cecilia Malmström.

Maar vooralsnog willen verschillende maatschappelijke organisaties dat de onderhandelingen tussen de VS en de EU worden stopgezet of dat de inzet drastisch wordt gewijzigd.

Gelekte documenten

In de strijd tegen TTIP, zette Greenpeace de door hun in handen verkregen onderhandelingsteksten uit de twaalfde gespreksronde van februari dit jaar online. De organisatie wil zo laten zien dat zaken als milieu en voedselveiligheid het afleggen tegen de belangen van multinationals.

De 248 pagina's laten weliswaar zien dat grote bedrijven in tegenstelling tot burgers en maatschappelijke organisaties om advies worden gevraagd, maar grote onthullingen zitten er niet tussen.

Wel wordt duidelijk dat de Amerikanen en Europeanen op sommige vlakken sterk van mening verschillen. Zo worden er in de VS dierproeven gebruikt voor met name cosmetica, daar willen de Europeanen niet aan, zo valt er te lezen. 

Ook is Europa erop gebrand dat merknamen gebaseerd op geografische afkomst beschermd blijven, zoals de wijnnamen Champagne en chablis of kazen zoals feta. De VS zit niet te wachten op afspraken hierover.

Een principiëler punt dat uit de gelekte documenten naar voren komt, is de manier waarop er tegen voedselveiligheid wordt aangekeken.

In Amerika is men van mening dat autoriteiten wetenschappelijk moeten bewijzen dat een product niet deugt. Pas dan mag er een handelsverbod worden ingesteld. De Europese Unie benadert dit precies andersom; bedrijven moeten aantonen dat hun producten veilig zijn als hier twijfel over bestaat.

Lees meer over:
Tip de redactie