In meerdere landen staan de laatste paar weken verschillende standbeelden van historische figuren (opnieuw) ter discussie. Zo werden in het Verenigd Koninkrijk beelden beklad en in het water gegooid en werden beelden van Piet Hein en Pim Fortuyn in Rotterdam vernield. NU.nl beantwoordt vijf vragen over deze nieuwe 'beeldenstorm'.

Wie zitten er achter het bekladden en omvertrekken van de beelden?

Het omvertrekken of bekladden van de beelden lijkt in de landen waar de discussie woedt vooral te gebeuren met een organisatie of actiegroep erachter, met als voornaamste doel om publiciteit te genereren. Er lijkt vooralsnog geen internationale coördinatie achter schuil te gaan.

In Nederland is het sinds een paar dagen vooral de actiegroep Helden Van Nooit die veel aandacht trekt. De groep bekladde onder meer standbeelden van Piet Hein en Pim Fortuyn in Rotterdam. Over het bekladden schrijft de groep op Instagram: "Hein hoort niet op een voetstuk, want hij is nooit een held geweest."

Standbeelden in veel landen ter discussie

Wie er achter deze groep schuilgaat is niet bekend. Het Instagram-account werd pas een dag geleden aangemaakt. De gemeente Rotterdam heeft al besloten aangifte te gaan doen van vernieling.

In het buitenland zijn het andere initiatieven. Zo leidt in het Verenigd Koninkrijk de 'Stop Trump Coalition' het project Topple the Racists, waarop een overzicht te zien is van alle in hun ogen racistische standbeelden in het Verenigd Koninkrijk. Mensen kunnen ook zelf beelden nomineren. De groep pleit echter niet voor het vernielen van de standbeelden, maar voor het verplaatsen van de beelden naar musea.

Is de interesse om beelden weg te halen nieuw?

Nee, in Nederland is al vaker discussie gevoerd over de rol van standbeelden in de maatschappij. Tegenstanders zien het vaak als een verheerlijking van een persoon die vroeger slechte dingen heeft gedaan, zoals slavernij. Voorstanders zeggen juist dat het iets vertelt over onze geschiedenis, ook als deze in retrospectief nadelen had. De beelden bieden volgens hen een kans om met bijvoorbeeld uitlegbordjes meer context te geven bij een historisch figuur.

Niet alleen standbeelden worden trouwens door antiracismeorganisaties als doelwit gekozen; ook namen van straten, tunnels, pleinen, scholen en musea staan regelmatig ter discussie. Twee jaar geleden besloot het Mauritshuis in Den Haag een beeld van Johan Maurits van Nassau Siegen te verplaatsen en rond die tijd veranderde ook de naam van de Amsterdamse J.P. Coenschool. Ook over de Coentunnel is vaker gedemonstreerd.

Historicus Ineke Strouken legde destijds uit aan NU.nl dat dit deels te verklaren is doordat de samenstelling van de maatschappij is veranderd. "We hadden dezelfde geschiedenis, bijna allemaal dezelfde huidskleur en we waren opgevoed met dezelfde tradities. Nu is het een heel andere samenleving geworden. We worden gewezen op dingen waarvan we nooit hebben nagedacht dat het kwetsend kon zijn."

Waarom het ene beeld wel en het andere niet?

Er klinkt ook kritiek op de beelden die worden uitgekozen door de demonstranten. Tegenstanders verwijten de demonstranten willekeur en verwijten hen van een gebrek aan kennis over de geschiedenis. Zo worden in de Verenigde Staten verschillende monumenten verwijderd van personen uit de Confederatie, die voorstander waren van slavernij. Aan de andere kant worden ook beelden van ontdekkingsreiziger Christoffel Columbus vernield en standbeelden beklad van Abraham Lincoln, die de slavernij juist grotendeels afschafte.

In het Verenigd Koninkrijk woedt op dit moment dezelfde discussie over het bekladden van het standbeeld van Winston Churchill in Londen afgelopen week. Premier Boris Johnson noemde het absurd en schandalig dat een beeld van Churchill moest worden afgezet met platen uit angst voor vernieling. Volgens Johnson was de oud-premier tijdens de Tweede Wereldoorlog een held die het land heeft gered van "fascisme en tirannie". Hij voegde daaraan toe dat Churchill destijds wel uitspraken deed die tegenwoordig "onacceptabel zouden zijn".

Standbeeld Churchill ingepakt uit angst voor vernielingen
45
Standbeeld Churchill ingepakt uit angst voor vernielingen

Wat zeggen politici over de roep om standbeelden te verwijderen?

De gemeente Amsterdam heeft toegezegd met een lijst te komen van standbeelden in de stad en de geschiedenis achter deze personen. Toch zegt wethouder Rutger Groot Wassink (GroenLinks) dat het vernielen van beelden niet de oplossing is. "Vandalisme is niet goed te praten. Het is veel belangrijker om informatie aan te leveren", zei hij bij AT5.

Premier Mark Rutte zegt dat het weghalen van beelden niet de oplossing is. "Onze geschiedenis blijft onze geschiedenis, die is niet ineens weg."